Een nieuw 'Brits'
jachtvliegtuig
De Britse vliegtuigindustrie nam een enorme vlucht aan het
eind van de jaren dertig van de vorige eeuw. De vraag naar
vliegtuigen voor de Royal Air Force was groter dan de
bedrijven aan konden. De British Purchasing Commission (BPC)
was in een kantoor neergestreken in New York en plaatste
verschillende orders voor verschillende types, waaronder bij
Curtiss de P-40. Curtiss kon de vraag niet aan en schakelde
North American in als extra productiemaatschappij. Het hoofd
van North American, 'Dutch' Kindelberger zag weinig in deze
plannen en stelde aan het BPC voor om een gehele nieuwe jager
te bouwen rond de Allison motor die ook in de P-40 gebruikt
werd, hij beloofde betere prestaties en een snelle productie.
De BPC ging schoorvoetend akkoord want ze hadden geheel geen
vertrouwen in North American Aviation. Op 24 april 1940 ging
een telegram naar de technische staf in Inglewood, en de
volgende dag lag er al een basis berekening op tafel. Op 29
mei werd een contract getekend voor 320 NA-73
jachtvliegtuigen. Om het hun moeilijk te maken had Commissie
een clausule in het contract laten opnemen dat het prototype
binnen vier maanden gereed moest zijn. Dag en nacht werd er
gewerkt aan het nieuwe toestel en na 102 dagen hard werken kon
de eerste NA-73X naar buiten gerold.
Prototype van
de NA-73X.
Helaas kon pas 20 dagen later de motor geleverd worden, een
Allison 1710, van 1150 pk. Op 26 oktober 1940 vloog de slanke
jager haar eerste vlucht in handen van Vance Breese. Door een
verkeerde schakeling in de brandstoftank-keuze moest het
toestel een gedwongen landing maken tijdens de vijfde
testvlucht en raakte ernstig beschadigd. Het maakte niets uit,
de Britten en North American waren overtuigd van hun winnaar.
Na de vijfde
vlucht, de zwaar beschadigde NA-73X.
Opvallend onderdeel aan dit nieuwe toestel was de grote
luchtinlaat onder romp met een verstelbare uitlaatklep die
daardoor tevens een extra voorstuwing verzorgde. Ook de
laminaire vleugel gaf het toestel een slanke en vooral snelle
stroomlijn. De NA-73 was een vrij groot vliegtuig, dit om de
grote hoeveelheid brandstof te kunnen herbergen. Ondanks de
grote afmeting was het vliegtuig in staat om een snelheid van
615 km/u te halen, sneller dan alle Europese jachtvliegtuigen
van dat moment, zelf sneller dan de kleinere Spitfire.
Mustang I, 16
Squadron Army Co-operation Command, 1942
De eerste van de Britse order van de Mustang I, zoals de
naam nu luide, vloog in april 1941. Het toestel was voorzien
van vier kaliber .50 en vier .30 machinegeweren. Tijdens het
testen bleek de Mustang bijna 50 km/u sneller dan de Spitfire
Mk V te zijn op een hoogte van 15.000 voet (5 km), maar
daarboven viel de snelheid snel terug vanwege het gebrek van
een aanjager. De Spitfire klom ook sneller naar 20.000 voet,
binnen 7 minuten, terwijl de Mustang daar 11 minuten over
deed.
De AG633 van
2 Squadron (TacR).
In 1941 was er minder druk op Fighter Command wat leidde
dat de Spitfire als onderscheppingsjager werd ingezet en de
Mustang een andere rol kreeg toebedeeld. Het nieuw opgerichte
Army Co-operation Command maakte dankbaar gebruik van de
Mustang. Een onderdeel van de ACC werd de Tactical
Reconnaissance (TacR). Op 10 mei 1942 maakte Mustang I, AG418,
van het 26 Squadron de eerste operationele missie in handen
van Fg Off G.N. Dawson. De missie was een offensieve
verkenningsvlucht naar Berck-sur-Mer. De eerste grote operatie
kwam voor de Mustang I in augustus tijdens 'Operation
Jubilee', de Dieppe expeditie, toen vier squadrons werden
ingezet.
In oktober 1942 vlogen Mustangs van de RAF over het Duitse
Dortmund-Ems kanaal om doelen te beschieten, zover was nog
geen enkele geallieerde jachtvliegtuig geweest.
De eerste
testmachine voor de VS, de XP-51, 41-038, bestaat
nog!
Apache wordt ook
Mustang
Contractueel was NAA verplicht twee vliegtuigen uit de
eerste serie te schenken aan het Amerikaanse leger. Als XP-51
werden de toestellen afgeleverd op Wright Field. Het testen
van deze 'buitenlandse' jager was dusdanig imponerend dat het
leger 150 exemplaren bestelde van de P-51, de Amerikaanse
versie van de Mustang I, met vier 20 mm kanonnen en 310
P-51A's met slechts vier .50 machinegeweer werden ook besteld.
Tevens werden er maar liefst 500 A-36A's besteld, een duikbom
versie die twee bommen kon vervoeren van 227 kg en vier .50
machinegeweren in de vleugels had en twee in de neus (die vaak
verwijderd werden).
Een A-36A
Apache in dienst bij Northwest African Air Force
(NAAF).
De Amerikanen behaalden met de A-36A over Sicilië en
Zuid-Italië buitengewoon goede resultaten. De A-36A stond ook
bekend onder de naam 'Apache' en er werd zelfs een poging
ondernomen het toestel 'Invader' te noemen, maar de Britse
naam 'Mustang' bleek te ingeburgerd om het te veranderen.
Klik op de P-51 met vier 20mm kanonnen,
en vlieg de missie naar de volgende pagina
|