- THE TRAIN -
(Burt Lancaster als 'kunstliefhebber')

De speelfilm ’The Train’ kun je op verschillende manieren tot je nemen,.. als spannende oorlogsfilm, als een knap kunstwerk op zich (geweldige regie en camerawerk), of als een film met een boodschap,... geroofde kunst behouden voor je land. De mens is vergankelijk, maar kunst en cultuur is de geschiedenis van de mensheid, en moet dus ten alle tijden beschermd worden, ook al moeten daar voor grote offers gebracht worden.

’The Train’ is losjes gebaseerd op het boek ’Le Front de l’Art’ van Rose Valland. Rose Valland werkte tijdens de Duitse bezetting als conservator in het museum Jeu de Paume, in Parijs. De Duitsers brachten hun geroofde kunst uit musea, particuliere- en joodse bezittingen naar dit museum.

Een deel van de 'verzamelde' kunst door de Duitsers is opgeslagen in het museum Jeu de Paume

Rose Valland begon in het geheim de 20.000 gestolen stukken kunst te catalogiseren. Ze noteerde wie de kunst verscheepte en waarnaar toe en speelde dit naar het ondergrondse verzet door, zodat deze wist in welke treinen de kunst werd vervoerd zonder gevaar te lopen dat deze treinen door sabotage zouden worden vernietigd. Valland was regelmatig aanwezig wanneer hoge Duitse officieren langskwamen om hun keuze te maken. Op 3 mei 1941 kwam Rijksmaarschalk Hermann Göring zijn persoonlijke keuze maken.

Kunstrover Göring en kunstbeschermer Rose Valland

Kort voor de bevrijding van Parijs zouden de laatste vijf wagons met kunst worden afgevoerd naar Duitsland. De ondergrondse werd op de hoogte gebracht, en deze wisten de trein in Parijs vast te houden tot het Franse leger Parijs bevrijdde. Hiertoe werd het transport steeds rond gereden vai allerlei sporen rond Parijs. Rose Valland werd één van de meest onderscheiden vrouwen van Frankrijk door haar daden verricht gedurende de bezetting. Dit is ook een stukje controverse in de film dat niet aan bod komt. Op 17 augustus 1944 vertrok nog een laatste transport met joden naar het oosten. Je kunt de discussie aangaan, waarom wel de kunst beschermen, maar het transport met joden niet,..?.

Anders dan bovenstaande doet vermoeden, 'The Train' is in zwart-wit

De start van het maken van de speelfilm kwam moeizaam op gang. Als regisseur was Arthur Penn aangetrokken (die later ’Bonnie and Clyde’ en ’Little Big Man’ zou maken). Toen Penn meer aandacht wilde geven aan de karakters, greep hoofdrolspeler en medeproducent, Burt Lancaster, in. Lancaster wilde juist meer actiescènes in de film. Penn werd bedankt en John Frankenheimer, een gerespecteerd regisseur door Lancaster, werd aangetrokken. Ondanks dat Penn enkele scènes had geregisseerd, kwam zijn naam niet op de titelrol.

John Frankenheimer en Burt Lancaster

John Frankenheimer (1930-2002) begon zijn filmcarrière in de jaren vijftig van de vorige eeuw als regisseur van TV series en TV films. Met de ’The Young Savages’ (1961) begon zijn speelfilmcarrière. In deze film zien we Burt Lancaster, een acteur waarvan Frankenheimer veelvuldig gebruik zou maken. Met zijn derde film ’The Birdman From Alcatraz’ kwam de erkenning met vier Oscar nominaties, waaronder voor Best Actor, Burt Lancaster. Ook voor de film ’Seven Days in May’, een politieke thriller uitgebracht in 1964, was de hoofdrol wederom voor Burt Lancaster. Frankenheimer was moe van de post-production van zijn laatste film en had eigenlijk geen zin in Lancaster zijn project, maar het werken in Europa sprak hem aan, dus ging Frankenheimer toch in op het verzoek.

Let op,... onderstaande tekst bevat 'spoilers'
(oftewel, het plot van de film)

De film werd in zijn geheel geschoten op locatie in Frankrijk in het najaar van 1964. Ondanks dat kleurenfilm in de jaren zestig het normale medium was, werd voor The Train gekozen voor zwart-wit. Het gebruik van dit medium geeft extra diepte aan de film, wat vooral tot uitdrukking komt in de close-ups van de bezwete beroete koppen van het treinpersoneel. Het brengt een sfeer over van de film-noir. Tevens worden in de film nagenoeg geen filmische trucjes gebruikt, zoals modelletjes (behalve bij het bombardement op station 'Vaires', daar zien we enkele modellen). De stoomtreinen liepen echt uit de rails en botsten vol geweld op elkaar.

Paul Scofield als kolonel Von Waldheim

De film begint bij een museum Jeu de Paume met als ondertitel ‘Parijs, 2 augustus 1944 (de 1511ste dag van de bezetting). De Duitse officier kolonel Von Waldheim (een rol van de Engelse acteur Paul Scofield) brengt een bezoek aan de curator van het museum, Mle. Villard (Suzanne Flon welke gebasseerd is op Valland).

Nog even, en Mle. Villard (Suzanne Flon) wordt uit de droom geholpen,...

Mevrouw Villard dankt de kolonel, vanwege dat hij een begrijpende Duitser is die van kunst houdt. Maar de dankbare sfeer is van korte duur als Von Waldheim opdracht geeft de kunst in kratten te pakken en af te voeren. Op de vraag waar de kunst naar toegaat antwoord de kolonel; ‘Naar een veilige plek’. Volgens mevrouw Villard is de veiligste plek Parijs. Villard vraagt zich af; Is de Duitser Von Waldheim wel een kunstliefhebber, of toch ook maar een ordinaire dief? De schilderijen worden ingepakt en in kisten gedaan.

Kisten vol kunst worden gereed gemaakt voor transport

Tijdens dit verpakken draaien de titels door het beeld. Op de kisten de namen van de kunstenaars, met links en rechts de rolverdeling met als laatste de regisseur, John Frankenheimer. Nu de kunst naar het station onderweg is gaat mevrouw Villard op bezoek bij het lokale verzet. Hier ontmoet ze de verzetsleider, en rangeermeester, Labiche (Burt Lancaster). Wat dan opvalt is dat de spelers om Lancaster heen met een licht Frans accent hun Engelse teksten uitspreken, Lancaster doet er geen moeite voor om zijn Amerikaanse tongval te maskeren met een Franse nuance. Ondanks de smeekbede van mevrouw Villard, heeft Labiche helemaal geen zin om enkele wagons met schilderijen tegen te houden. Labiche wil geen mannen meer opofferen, want van de achttien waar hij mee begon zijn er nog maar drie over. En hij heeft andere zaken aan zijn hoofd. De geallieerde luchtmacht gaat zijn treinstation bombarderen en daar moet ook het nodige voor geregeld worden.

Labiche en de aftellende klok,... altijd een spannend onderdeel in een film

Rangeermeester Labiche staat de volgende dag in zijn seinhuis om de treinen op de goede trajecten te zetten. Hij moet zorgen voor vertraging om een pantsertrein, welke een troepentransport naar het front moet brengen, op het station te houden, want om klokslag 10.00 uur komen de bommenwerpers. Voor de film werd gebruik gemaakt van het station van Gargenville dat op de nominatie stond gesloopt te worden. En als de filmmaatschappij daar een handje bij kon helpen, dan was dat prima. En zo werd er zes weken lang door 50 specialisten gewerkt om de zaak met 140 ladingen TNT (zo’n 1500 kilo) te ondermijnen en 10.000 liter aan brandstof gebruikt voor de spectaculaire explosies (die nog geen minuut in beeld zijn).

De pantsertrein komt de remise uit

Niet alleen de explosies in deze scène zijn indrukwekkend, ook het gebruik van een pantsertrein is meer dan geweldig in beeld gebracht. Vanwege het gemis aan originele Duitse voertuigen, behalve dan een enkele Kubelwagen, zien we Amerikaanse militaire voertuigen van de Franse defensie, zoals Half Tracks en M24 Chaffee tanks met Duitse balkenkruizen.

Het kunsttransport arriveert in Rive-Reine (Acquigny)

Terwijl de vertragingsactie bezig is op het station van Vaires, zien we de machinist, Papa ‘Boule’ Bourges (Michel Simon), van het kunsttransport op de hoogte gebracht worden van wat hij gaat transporteren naar Duitsland,… de cultuur van Frankrijk. Papa Boule besluit ter plekke dat hij iets aan deze situatie moet doen. Als de bommen beginnen te vallen vertrekt de kunsttrein uit het station. Labiche probeert hem te stoppen, maar er is geen houden aan, achtervolgt door de explosies van bommen dendert de trein over het rangeerterrein. Als de trein korte tijd later het stationnetje van Rive-Reine binnenrijdt blijkt er iets mis te zijn met de olietoevoer. Papa Boule blijkt de zaak gesaboteerd te hebben met een muntstuk. De Duitsers zijn razend, maar er zit niets anders op dan terug te keren, zonder de wagons met kunst, naar Vaires om de locomotief te repareren.

Het voormalige stationnetje van Acquigny (Rive-Reine)

Het stadje Rive-Reine was een gefingeerde plaatsnaam. Het stationnetje van Acquigny, ten zuiden van Louviers, was een perfecte locatie om 'The Train' te schieten. Het traject was al enige tijd buiten gebruik en ideaal om ongestoord met treinen te exerceren. Ook voor de speelfilm 'The Longest Day' is gebruik gemaakt van deze locatie.

Papa Boule keert terug in het gebombardeerde Vaires

Terug in Vaires wordt Papa Boule ondervraagt daar majoor Herren (Wolfgang Preiss). Herren weet van de eenvoudige truc om treinen te saboteren en ontmaskert Papa Boule. Ondanks ingrijpen van Labiche, zal Papa Boule de hoogste prijs betalen voor zijn heldhaftig verzet.

Labiche werkt vervolgens de gehele nacht door om de locomotief gerepareerd te krijgen. In een zeer overtuigende scène zien we Burt Lancaster metaal gieten en zich bijna vertillen aan een aandrijfas.

Albert Rémy in de rol van verzetsheld Didont

Als de locomotief weer gereed is voor vertrek naar Rive-Reine, krijgt Labiche de opdracht mee te reizen om te zorgen dat de locomotief zonder problemen daar arriveert. De twee overgebleven verzetsmannen uit zijn groep, Didont (Albert Rémy) en Pequet (Charles Millot), vergezellen Labiche. Deze trachtten Labiche te overtuigen om contact te leggen met Metz zodat het kunsttransport nooit in Duitsland zal aankomen. Labiche vindt het plan hopeloos en blijft nors en stuurs de locomotief bedienen.

Labiche geeft vol gas om aan de Spitfire te ontsnappen

Dan verschijnt er een Spitfire. Als deze bijdraait om de aanval te openen op de voortuffende trein gaat het ‘gas erop’. De spanning is geweldig weergegeven op de kop van Lancaster als deze de hendels aanduwt om zoveel mogelijk stoomdruk op de wielen te krijgen. Tijdens het draaien van deze scène vloog de Spitfire zo dicht op de helikopter waarin Frankenheimer zat, dat het weinig gescheeld had of deze waren gebotst.

Labiche krijgt opdracht het transport naar Duitsland te brengen

Wanneer de locomotief weer terug keert in Rive-Reine, staat Von Waldheim hem reeds op te wachten. Labiche denkt op de fiets weer naar Vaires te peddelen, maar Von Walheim geeft de order dat Labiche het kunsttransport naar Duitsland brengt. Labiche protesteert, want hij heeft al enkele dagen niet geslapen. Von Waldheim stuurt hem, onder leiding van Schmidt (Jean Bouchaud), naar het hotel naast het station om uit te rusten. Von Waldheim vertrouwt Labiche geen seconde en hij heeft hem liever in de buurt zodat hij hem in de gaten kan houden.

Op de volgende pagina gaat 'The Train' verder,...
dus,...
'ALL ABOARD,..!'