|
In oktober 1939 werd een zogenaamd politiekamp opgericht nabij Hinzert
om ‘potentiele delinquenten’ in onder te brengen. De gevangenen werden ingezet bij
de Todt Organisation om te werken aan de ‘Westwall’ (de Siegfried Linie). Het kamp
hij Hinzert kreeg de officiële naam ‘SS Spezial Lager Hinzert’. In juli 1940 viel het
kamp onder de ‘Inspectie van de Concentratiekampen’. In het begin van de oorlog was
het een doorvoerkamp voor gevangenen uit Luxemburg, België, Nederland en Frankrijk.
Hiervandaan gingen de gevangen verder naar Buchenwald, Dachau en Natzweiler (of andere
gevangenissen). In februari 1942 werd Lager Hinzert opgewaardeerd naar administratie
kantoor voor de economie(‘Wirtschafts-Verwaltungshauptamt’), en werd een volwaardig
concentratiekamp dat zelf kon bepalen hoe het te werk ging. Pas op 19 februari 1945
werd het een officieel sub-kamp van concentratiekamp Buchenwald, en verloor daarmee
de onafhankelijke status.
(foto: Unknown maker/source, click for disclaimer)
Commandant van Hinzert, Hermann Pister (achterste rij,
tweede van rechts)
De eerste commandant van Hinzert Speciale SS Kamp werd Hermann Pister. Deze was
via de SS Motor regimenten opgeklommen in 1937 tot in de motorpool van Himmler
(Reichsleiter SS), en werd vervolgens gepromoveerd tot commandant opzichter en management
van (her-)opvoedingskampen in het westen. Na zich bewezen te hebben droeg concentratiekamp
inspecteur Richard Glücks op 19 januari 1942 Pister voor als commandant van Buchenwald nadat
de commandant Karl Koch vanwege grootschalige corruptie weg was gepromoveerd. Kamp commandant Pister werd na de oorlog opgepakt en zou terecht staan voor zijn misdaden, maar overleed tijdens zijn verblijf in de gevangenis.
(foto: Unknown maker/source, click for disclaimer)
Commandant Pister overziet de gevangenen in de rij voor een karig maal
De eerste gevangenen waren ‘werkschuwe’ Duitsers die her-opgevoed werden door ze
dwangarbeid te laten verrichten aan de ‘Westwal’ en andere projecten van OT
(Organisation Todt) of voor andere bedrijven. Nadat de oorlog in het westen was
uitgebroken kwamen in 1941 leden van Franse Vreemdenlegioen in Hinzert terecht
voor ze na enkele weken werden doorgestuurd naar andere gevangenissen. Ook
verzetsleden uit Luxemburg, opgepakt door de Gestapo, werden ondergebracht.
Verder werden ook grote groepen Polen en Russen, die naar Duitsland waren
overgebracht om als dwangarbeiders te worden ingezet, naar Hinzert gebracht.
Al deze gevangenen werden in de omgeving te werk gesteld, onder meer in de
leisteen-groeve. Omdat veel gevangenen buiten de poort werkten zag de bevolking
uit de omgeving dagelijks de gevangenen in hun gestreepte pakken langskomen.
Waarmee de stelling ‘dat ze het nooit geweten hebben’ in dit gebied ook niet opgaat.
(foto: Unknown maker/source, click for disclaimer)
Even 'onschuldig' spelen in het winterachtig concentratiekamp Hinzert
Op 7 december 1941 (de dag dat Pearl Harbor door Japan werd aangevallen),
ging operatie ’Nacht- und Nebel-Erlass’ van start. De motivatie voor deze
grootschalige actie was om zoveel mogelijk verdachten uit het verzet te deporteren
te doen verdwijnen. Diegenen die niet direct werden doodgeschoten, werden
gedeporteerd naar gevangenissen of concentratiekampen in Duitsland. Om het zo
geheim mogelijk te houden werden families in onzekerheid gelaten waar hun
verwanten waren gebleven. Dit was om zoveel mogelijk angst onder het verzet
te zaaien.
Een herinneringsplaquette aan de muur van de kapel (zie lager)
Gevangenen die door ’Nacht- und Nebel-Erlass’ waren aangemerkt
kregen een label op hun jasje waarin de letters ‘NN’ stonden (van ’Nacht-
und Nebel-Erlass’).
‘NN’ gevangenen mochten geen contact maken met het thuisfront. En als ze
omkwamen kreeg de familie daar ook geen bericht over. Zeker 2000, voornamelijk
Franse, maar ook Belgen en Nederlanders uit het verzet, kwamen door Hinzert
voor ze door een ‘speciaal tribunaal’ veroordeeld werden. Het voornaamste kamp waar NN-gevangenen
naar toe werden gedeporteerd was KL Natzweiler-Struthof.
Detail van een gedenksteen met namen die ons respect verdienen,...
In Hinzert werden ook Poolse dwangarbeiders die een relatie hadden met een
Duitse vrouw ‘onderzocht’ of die wel van het ‘Noordse Rase Type’ waren. Slaagde
de bewuste Pool voor de test, dan werd hij nog zeker zes maanden mentaal en
psygologisch onderworpen voor hij daadwerkelijk een Duitser kon worden. ‘Slaagde’
men niet voor de test, dan werd men vermoord in het concentratiekamp van Natzweiler.
Ook in Hinzert werden gevangenen vermoordt, maar meer individueel, en enkele keren
met grotere groepen tegelijk, zoals 70 Russische krijgsgevangenen die in oktober 1941
met giftige injecties werden gedood.
(foto's: Unknown maker/source, click for disclaimer)
Egon Zill en (rechts naast Pister) Paul Sporrenberg
Tussen 2 en 9 september 1942 werden 20 verzetsmensen uit Luxemburg, in de nabijheid van het kamp, doodgeschoten die verantwoordelijk werden gehouden voor het organiseren van stakingen in Luxemburg tegen de 'ver-duitsering' van het hertogdom, zoals het inlijven van mannen uit Luxemburg voor het Duitse leger. Een jaar later, op 25 februari 1944, werden als waarschuwing tegen het groeiende verzet in Luxemburg, wederom Luxemburgers nabij het kamp doodgeschoten. Hiertoe had SS Hauptsturmführer Runge 23 mensen geselecteerd, en ondanks dat er geen gerechtelijk bevel was uitgevaardigd werden ze in koelen bloede vermoord. Naast deze moorden stierven een groot aantal aan de ontberingen, zoals ziektes, dwangarbeid en martelingen. In totaal zouden in Hinzert 321 mensen het leven laten.
Een bronzen plaquette herinnert aan de moord op de Luxemburgers
Families die vernamen dat hun dierbaren in Hinzert zaten, trokken soms in een hotel
in de omgeving van het station van Reinsfeld. Het kwam bijna dagelijks voor dat gevangenen
hier karren met stenen naar toebrachten. Op deze manier was het soms mogelijk een glimp op te
vangen van hun dierbaren.
Na het vertrek van Hermann Pister, nam interim Egon Zill de taak van kampcommandant
op zich, tot deze vervangen werd door de beruchte SS Hauptsturmführer Paul Sporrenberg in het voorjaar
van 1942 (Egon werd commandant van Natzweiler). Tot 1943 bestond de bewaking van het kamp hoofdzakelijk uit SS personeel, maar later kwamen daar ook politieagenten en leden van de Wehrmacht bij. Sporrenberg werd geboren op 27 maart 1896 in Venlo, maar was van nationalteit Duitser.
In de Eerste Wereldoorlog was hij vrijwillig bij het Duitse leger gegaan. Na de oorlog werd hij handelaar in textiel. In 1922 werd Sporrenberg lid van de NSDAP en trad toe bij de SA. Na het opdoeken van de SA stapte hij over naar de SS. AAn het begin van de Tweede Wereldoorlog werd Sporrenberg bij de Wehrmacht ondergebracht als verantwoordelijke voor de afdeling motorvoertuigen in Düsseldorf. In 1940 kwam hij vervolgens terecht in het Lager Hinzert.
Na de oorlog dook Sporrenburg onder, maar werd op 2 maart 1960 gearresteerd in Mönchengladbach en aangeklaagt door de rechtbank van Trier.
De aanklacht luidde dat Sporrenberg persoonlijk minstens voor de moord op 60 gevangenen verantwoordelijk was, door mishandeling en uithongering, waarvan negen wreed vermoord. Ook de moord op 23 gevangen uit Luxemburg op 25 februari 1944 werd met instemming van Sporrenberg uitgevoerd, zonder dat daar een gerechtelijk bevel voor was.
Voor het tot een uitspraak kwam overleed Sporrenberg op 7 december 1961 (65 jaar).
(foto: Unknown maker/source, click for disclaimer)
SS-Standartenfuehrer Hermann Pister leidt enkele SS officieren rondt
Het kamp werd in maart 1945 verlaten, al bleven er enkele gevangenen achter zonder
dat er iemand achter bleef om zich over hen te bekommeren, tot de Amerikanen hen vond.
De andere gevangenen waren toen via een ‘dodenmars’ naar Buchenwald afgevoerd, waarbij tijdens de tocht
minstens 3 gevangenen omkwamen. Tot aan de bevrijding van Hinzert waren meer dan 13.500 mannelijke
gevangenen door het kamp gekomen.
271 grafzerken staan in het voormalige ‘SS Spezial Lager Hinzert’
Na de oorlog zag de Franse militaire regering er op toe dat de
barakken gesloopt of verkocht werden en de grond teruggegeven aan de eigenaars. Na
de nodige opgravingen in 1946 werd door de Fransen de ‘Ere-Begraafplaats’ ingericht.
In de begraafplaats werden 271 doden herbegraven. Vijftig lijken die nog geïdentificeerd konden
worden werden naar hun land van herkomst overgebracht. Naast de begraafplaats en
enkele monumenten vindt men verschillende borden met daarop de nodige uitleg.
Het opvallende documentatie centrum
In 2005 is een documentatie centrum geopend welke een zeer opvallende architectuur,
door Wandel Hoefer Lorch & Hirsch, heeft. Het is even zoeken naar de toegangsdeur (aan de zijkant) welke in de stalen wanden opgaat (waarop gewezen wordt dat men om de tenen denkt bij het openen van de zware deur). Op de fraaie houten wanden is de vaak schokkende informatie aangebracht. De teksten zijn allen in het Duits uitgevoerd, maar men kan een luister apparaat mee krijgen welke ook in het Nederlands uitleg geeft. Uit particulier bezit van ex-gevangenen zijn enkele gebruiksvoorwerpen en kledingstukken te bewonderen.
De fraaie binnenzijde van het documentatie centrum
Links van de begraafplaats met de vele kruisen, staat de kapel voor de Duits rooms-katholieke priester Arnold Fortuin.
Tijdens zijn tijd als kapelaan in St. Michael/Saarbrücken ontmoette Fortuin verschillende uitgebreide Sinti-families. In 1932 richtte hij een school voor Sinti op. Tussen 1933 en 1937 werkte hij als godsdienstleraar op een vakschool in Bad Kreuznach. In 1937 werd hij overgeplaatst van Bad Kreuznach naar Beuren als straf voor zijn anti-nazi-houding, waar hij bleef tot 1950.
De kapel ter herinnering aan de priester Arnold Fortuin
Na de uitvaardiging van het zogenaamde 'Detentiebesluit' mochten vanaf oktober 1939 Sinti en Roma in Duitsland hun huizen niet meer verlaten onder dreiging van overplaatsing naar een concentratiekamp. Toen het speciale kamp Hinzert SS werd ingericht begon Fortuin de talloze Sinti en Roma met wie hij in contact stond vanuit zijn tijd in Saarbrücken te helpen ontsnappen naar Frankrijk. Na deoorlog trad Arnold Fortuin op als ‘advocaat’ voor Sinti in de herstelbetalingsprocedure. Vanaf 1951 was Fortuin pastoor van de parochie St. Stephanus in Illingen en in 1958 nam hij de functie van Definitor van het dekenaat Illingen op zich. Fortuin overleed op 19 juni 1970 in Illingen.
rechts de priester Arnold Fortuin
Het ‘SS Spezial Lager Hinzert’ is te vinden 20 km ten oosten van Trier en 8 km ten noorden
van Hermeskeil. Voor de snelste route volg de snelweg 1.
Het kamp ligt 1 km ten zuidwesten van Hinzert aan de L148 (zie kaart hieronder).
(Google Earth)
GA TERUG
|