LANDINGSVAARTUIGEN
Vaartuigen van de bevrijding

De LST, LCT en de LCI

Een Landing Ship, Tank (LST) en een aantal LCVP's trotseren de golven

Voorwoord

Het vervoeren van manschappen over water is al eeuwen oud. Maar het is nog maar sinds kort, de jaren veertig van de vorige eeuw, dat men de voordelen zag om zonder havens de lading op een strand te zetten. Dit was voor de verdedigende partij een extra probleem. Niet alleen moest men de havens van verdediging voorzien, maar waar moest de verdediging komen langs stranden? De gedachte van het afzetten voor goederen en personeel op stranden leidde tot de ontwikkeling van speciale platbodem vaartuigen.

Een Landing Craft, Tank (LCT) en LST-325 lossen tanks op het strand

Hieronder volgt een korte uiteenzetting over verschillende typen landingsvaartuigen die ingezet werden om D-Day, en andere landingen in de wereld, tot een geslaagde amfibische operatie te brengen. Want zonder de ontwikkeling van deze vaartuigen waren de Geallieerde landingen helemaal niet mogelijk geweest.


Landing Ship, Tank (LST)

Een Landing Ship, Tank (LST) ontdoet zich van haar lading

Toen 1940 naar het einde liep werd het gevaar voor een Duitse invasie op de Britse kust minder. Het Verenigd Koninkrijk begon in die periode met het onderzoek naar ideeën om zelf een landingsvloot op te zetten. Met de plannen uitgewerkt vertrok een team naar Amerika met het verzoek onder de 'Lend-Lease' verdragen een Landing Ship Tank (LST) en een Landing Craft Tank (LCT) te bouwen. Van elk type wilden ze 200 stuks. De Amerikanen waren eerst iets terughoudend, maar besloten niet alleen LST's voor de Britten te bouwen maar ook voor hun eigen inventaris. Het ontwerp van de Britten werd door John Niedermair van het Bureau of Ships herontworpen in november 1941. Het voorgestelde ballastsysteem werd opnieuw aangepast. Als het schip op zee was kon het water innemen voor meer stabiliteit en als het een landingsoperatie uitvoerde werden de tanks leeg gepompt om een platbodem te creëren.

Een Britse Sherman tank verlaat een Amerikaanse LST

De Britten zelf produceerden zo'n 20 LST's. Ze waren iets langer dan de Amerikaanse versie en de motoren waren stoom aangedreven. Dit gaf de Britse LST's een snelheid van 13 knopen tegen de 11 knopen van de Amerikaanse versie die diesel motoren hadden. De schepen waren door de geringe diepgang traag en log en daardoor moeilijk te hanteren, en vormden een gemakkelijk doelwit. De bemanningen die op deze typen voeren noemden de LST de 'Long Slow Target'. De Amerikanen bouwden 1051 LST's waarvan 113 naar de Britten gingen.

Ex-USS-LST 755 tot 2010 in de vaart in China als ROC Chung Hai LST 201
(let op de LCVP landingsboten in de davids)

De Landing Ship Tank werd speciaal ontwikkeld om direct op een strand enorme hoeveelheden voertuigen en goederen te kunnen lossen. Als het eenmaal op het strand geschoven was, dan openden zich twee verticaal opgehangen deuren zich. In de davids konden lichte aanvals landingsboten worden gehangen (zie foto boven). Op het dek was voldoende ruimte om een Landing Craft Tank (LCT) te stouwen. Benedendeks was ruimte voor 20 Sherman tanks, Op het bovenste dek was ruimte voor lichtere voertuigen. In de eerste versies was een lift ingebouwd die de voertuigen van het bovendek naar het onderdek brachten. Latere modellen gebruikten een schuin geplaatste interne loopplank die direct naar de boeg liep voor het lossen van het bovendek.

LCT 971 aan boord van LST 731


Landing Craft, Tank (LCT)

De Landing Craft Tank (LCT) was ook een landingsvaartuig ontworpen door de Britten en verder vervolmaakt door de Amerikanen. Zoals het type aanduiding al aangeeft was het vaartuig speciaal ontworpen, in eerste instantie, als vervoerder van 5 tot 6 tanks naar het strand.

LCT's tijdens oefeningen aan de Engelse kust

Deze vaartuigen waren onder andere verantwoordelijk voor het uitzetten van de DD tanks tijdens D-Day. In de ruwe zee gebeurde het nogal eens dat de landingsklep verloren ging. Deze werd dan achter de LCT aangesleept. De LCT werd in verschillende uitvoeringen geleverd. De meest gebruikte waren de Mk IV en de Mk V tijdens D-Day. Een tiental ging op 6 juni 1944 verloren tijdens de landingen.

Een Centaur 95mm nabij Hermanville-sur-Mer, duidelijk zijn de 'graadverdelingen' op
de toren te zien voor het richten van het geschut vanaf de LCT(A)

Varianten waren onder andere de LCT(A), Armored. Bewapend met twee Centaur 95mm houwitsers en één Sherman 75mm moesten deze voor extra vuurkracht zorgen tijdens de landingen. Helaas was door de wilde bewegingen van de LCT niet echt doelgericht vuur uit te brengen en werden de deze tanks direct naar het strand vervoerd en daar ingezet. Van de LCT(A)'s gingen die dag 3 verloren.

LCT(A) 2008 brengt Amerikaans soldaten naar Normandië op 7 juni, 1944,
zonder boegdeur! (verloren tijdens D-Day)

Ook was er de LCT(R), deze was uitgerust met raketten en zorgden voor een enorme barrage aan vuurkracht. Voor deze versie werd de Mk III aangepast met 1066 lanceerbuizen, in salvo's van 24 werden deze raketten gelanceerd. Tijdens de landingen op 6 juni, 1944, werden 36 LCT(R)'s ingezet.

Een LCT(R) vuurt haar dodelijke lading richting het strand

Lopend van de Mk I tot de Mk V werden er in totaal 1569 gebouwd, waarvan de Mk IV met 731 de meeste geproduceerde en van de Mk V werden 500 stuks geleverd.


Landing Craft, Infantry(Large) - LCI(L) -

LCI(L) 191 maakt een proefvaart in een haven

De Landing Craft, Infantry, kortweg LCI(L), was een aanvalsschip uit de tweede aanvalslinie. Wanneer het strand veiliggesteld was door de eerste golf van aanvalsboten, zoals LCVP's en LCA's moesten zo snel mogelijk grotere aantallen versterkingen op het strand gebracht worden. De LCI was daarvoor ontwikkeld. Het schip vervoerde 150 tot 200 man die via aan de zijkant geplaatste loopbruggen het vaartuig verlieten.

Zoek de verschillen: Hierboven de vroege versie, hieronder vanaf #354

Vanaf de LCI(L) 351 tot aan de #1098 werden er aanpassingen op het landingsvaartuig aangebracht. Het meest in het oog springende was de ronde brug (dit voorkasteel was daarvoor rechthoekig). Voor de brug was een uitbouw aangebracht waarop twee 20mm kanonnen stonden. De twee 20mm kanonnen die op het achterschip stonden bij de vorige versie, waren ook bij deze nieuwe aanpassingen op de verder naar achteren verlengde opbouw geplaatst (waarbij de centraal gelegen 20mm nu was vervallen). Bij de #351 tot en met de #353 was het 20mm kanon voor op de plecht vervallen, maar keerde bij de opvolgende nummers weer terug.

De Canadese HMC LCI(L) 118 onderweg naar Normandië
(Let op de lage brug)

Tijdens de landingen op 6 juni 1944 (D-Day) op de stranden van Normandië had de Eastern Task Force de beschikking over 116 LCI(L)'s en de Western TF had 93 LCI(L)'s tot haar beschikking. De Canadese Royal Navy beschikte bijvoorbeeld op D-Day 30 LCI's in 10 flotille en deze brachten 4600 man naar Normandië. De Canadese LCI(L) stonden bekend als de HMC LCI(L), en waren verkregen via de Lend-Lease overeenkomst tussen de VS en de Britten. De Canadese versie viel op door de ingekorte brug.

Voor de Amerikaanse sector Omaha Beach waren 33 LCI(L)'s beschikbaar, verdeeld over drie aanvalsgroepen. De Eerste Golf had de beschikking over vijf stuks, de Tweede over 17 en de Derde over 11 LCI(L)'s. Zeker vijf LCI(L)'s zouden op Omaha uitgeschakeld worden.

Twee LCI's liggen op het strand, links de oude versie, rechts de verbeterde,...

De LCI was misschien niet de meest 'flitsende' aanvalsboot tijdens de landingen. Dit kwam voornamelijk door de aan de zijkant geplaatste loopbruggen. Het zag er misschien niet al te heldhaftig uit, soldaten die moeizaam, soms met fietsen beladen, struikelend deze schepen verlieten. Doordat het schip aan de boeg de losklep ontbeerde was het niet mogelijk de boot uit te 'stormen'. Bij latere versies werden soms boegdeuren aangebracht. De Amerikaanse zeelieden van de LCI's gaven het de bijnaam 'Lousy Civilian Idea'. In de Amerikaanse marine stond de LCI ook bekend als de 'Waterbug Navy', nadat een admiraal eens vanuit zijn slagschip 'neerkeek' op deze aanvalsschepen. Maar deze 'waterkevers' brachten binnen korte tijd onder vijandelijk vuur enorme aantallen manschappen naar het strand.

Een LCI met een DUKW van de 1st Armored Division op de voorgrond

Niet alleen waren deze schepen ingericht tot het lossen van manschappen. Ook dit type vaartuig werd, net als de LCT, uitgevoerd in verschillende varianten. Er was een LCI (Demolition) die duikers vervoerde om obstakels onder water en op de invasiestranden te verwijderen. Een LCI (Gun) was voorzien van 40mm en 20mm kanonnen en raketten voor nabije vuursteun aan de landingstroepen. De LCI (R) was met raketten uitgerust. Hiervan waren verschillende uitvoeringen ontwikkeld, waaronder één die 600 raketten kon verschieten. De LCI(M) was een speciale LCI die uitgerust was met mortieren.

LCI(G) 67 op het drooggevallen strand van Okinawa na een tyfoon

De LCI werd gebouwd in Amerika en was voorzien van twee opstellingen van vier General Motors, 6 cilinder diesel motoren. Deze brachten een kracht voort van 3600 pk. De LCI was met zijn platte bodem niet ontworpen om grote waterpartijen over te steken. Maar de oorlog besliste anders, er was altijd haast, en de LCI voer van Amerika naar Europa en Azië. Met zijn 48 meter 'speelde' de LCI een zeewaardige schip en stak als zodanig zelf het Engelse Kanaal over beladen met infanterie. Het schip was een speelbal van de golven, en menig etensmaal van de soldaten en bemanning werd gedoneerd aan Neptunus. Voor de manschappen die in de ruimen beneden in het schip zaten was het zowiezo een zeer onaangename ervaring. De ruimen waren krap bemeten in de ijzeren bak zonder patrijspoorten, en men zal het gevoel 'als ratten in de val' vaak ervaren hebben,...

Dwarsdoorsnede van de LCI(L) met de indeling

De kwetsbare loopplanken die aan de voorplecht hingen om de LCI te kunnen verlaten, bleek in de praktijk een zeer kwetsbaar geheel. Zeker als vijandelijk vuur de loopplanken kapot schoten, of als de hele zaak vreselijk slingerde in de branding. Bij een aantal werden de loopplanken verwijderd, en de aan de voorzijde werden in de boeg dubbele deuren ingebouwd (een idee dat ook in gebruik was bij de Landing Ship Tank).

De loopplanken zijn vervallen, en de LCI is van een boegdeur voorzien,...

Bij de meeste beschrijvingen van de LCI wordt de toevoeging (L) gezet, om aan te geven dat het hier het type ‘Large’ betreft. Zoals al eerder aangegeven waren er ook andere versies, zoals de LCI(G), ‘Gun’, de LCI(M), ‘Mortar’ en de LCI(R), ‘Rocket’. Tevens was er de versie LC(FF), het ‘Flotilla Flagship’. Maar als er een ‘Large’ versie was, dan zal er ook een ‘Smal’ versie zijn geweest. Dit was een Brits ontworpen LCI, welke officieel bekend stond als de Fairmile Type H landing craft, LCI(S). Het was geheel gebouwd uit hout.

Onderstaande gegevens hebben betrekking op de LCI(L)

Scheepswerven Albina Engine Works, Bethlehem-Hingham Shipyard, Brown Shipbuilding, Commercial Iron Works, Consolidated Steel Corporation, Defoe Shipbuilding Company, Federal Shipbuilding and Drydock Company, George Lawley & Sons, New Jersey Shipbuilding, New York Shipbuilding
Lengte 48.31 m
Breedte 7.09 m
Waterverplaatsing 234 long tons (238 t) standaard, 389 long tons (395 t) beladen
Kiel diepte 1.63 m (voor), 1.80 m (achter)
Motoren 4 x Detroit diesel 6051 quad-71, (in twee gekoppelde blokken), 2 schroeven
Vermogen 1600 pk (1,193 kW)
Snelheid max. 16 knopen (30 km/u)
Actieradius 7400 km bij 12 knopen (22 km/u)
Bemanning 3 officieren en 21 matrozen
Manschappen 180, latere versies 210
Bewapening 4 × Oerlikon 20mm kanonnen (1 op plecht, 1 midscheeps, 2 achterop), Latere versies (vanaf #354) 5 x Oerlikon 1 op plecht, 4 midscheeps
Aantal gebouwd 923

Voor een vervolg over de landingsvaartuigen, klim aan boord
van de LCVP en KLIK HIER , of op onderstaande LCVP.