TOUR DE SLAGVELDEN VAN NORMANDIË
NAAR UTAH BEACH

Deze route brengt u naar Utah Beach, via Carentan en eindigt in Ste-Mère-Église. Vanuit Bayeux (neem de N 13 richting Cherbourg) is het een klein half uur rijden naar Carentan. Verlaat hier de snelweg en rij door Carentan. Hier kunt u stoppen bij het monument nabij de stadhuis.

Slechts via een smalle corridor vanuit het noorden kon Carentan aangevallen worden door de Paratroopers van het 101st Airborne Division. Hun Duitse tegenstanders waren Fallschirmjäger van het 6. Regiment onder commando van major Friedrich August Freiherr von der Heydte.


Major Friedrich August Freiherr von der Heydte

Ondanks bloedige gevechten die zich op enkele meters van elkaar afspeelden, schoot het niet op. De Amerikanen begonnen op 7 juni de stad met artillerie te beschieten voor drie dagen. Op tien juni werden binnen 24 uur, 6000 granaten de stad ingeschoten. De volgende dag werd een nieuwe aanval ingezet. Aan beide kanten vielen veel slachtoffers, maar de Duitse para's onder commando van Von der Heydte hielden stand. In de middag werd de stad beschoten met fosforgranaten. Door de vele branden kwamen de bewoners uit hun kelders de straat op om te vluchten. De Amerikanen die hadden verwacht dat de bevolking de stad had verlaten, wisten op het laatste moment de bommenwerpers tegen te houden die onderweg waren om de stad plat te gooien. Die nacht trokken de laatste Duitsers Carentan uit. Op 12 juni werd de stad bevrijd verklaard. Ondanks een felle tankaanval de volgende dag door een Duitse Panzer divisie, die op het laatste nippertje afgeslagen kon worden door snel oprukkende tanks vanaf Omaha Beach, bleef Carentan in Amerikaanse handen. Het in handen krijgen van dit belangrijke verkeersknooppunt kwam tegen een zware prijs, de 101st Airborne had de helft van haar mannen in de strijd verloren.

Detour naar een Bailey brug
en het verhaal over de 'Filthy 13'

Een interessant overblijfsel uit de oorlog en nog steeds in gebruik in de omgeving van Carentan is een Bailey brug. Deze is gelegen over het riviertje de Taute bij Saint-Hilaire-Petit-Ville. Tevens op deze pagina aandacht voor de actie rond twee bruggen waar de zogenaamde 'Filthy 13' opereerde.

Om het allemaal te vinden:
KLIK HIER

De 2nd Armored Division trekt Carentan binnen, Toen en Nu

Als u de Bailey brug en het monument van de 'Filthy 13' heeft bezocht, keer dan terug naar Carentan. Vervolg de route noordwaarts richting St. Côme-du-Mont. U verlaat Carentan via een grote rotonde. deze is aangelegd op het punt waar de beroemde bajonetaanval door de mannen onder leiding van Lt.Col. Robert Cole met succes op de hier toen gelegen brug ondernam. Op één van de pagina's over Margraten kunt u meer lezen over het heldenverhaal van Lt.Col. Robert Cole en zijn mannen. Na twee kilometer verschijnt recht voor u het museum, 'Dead Man's Corner'. Omdat u nu in het gebied bent waar de 101st Airborne Division landde, is dit museum geheel gewijd aan de paratrooper.

Meer over de bevrijding van Carentan, zie de uitbraakpagina's

'Dead Man's Corner' met aan de achterzijde de 'D-Day Experience'

'Dead Man's Corner'

Voor de 101st Airborne Division was Carentan één van de hoofddoelen. Daar de verdediging optimaal was in Carentan door de Duitsers, wachtten de paratroopers op steun van tanks. De D 913 was de enige weg vanaf Exit 2, via St.-Marie-du-Mont richting Carentan die stevig in handen was van de Amerikanen. Op 7 juni kwam de eerste tank, een M5 Stuart, van de 70th Armored Battalion (D Company, tank 12) de paratroopers van de 101st Airborne Division te hulp nabij de Y-splitsing van de D 913 met de D 270 naar St. Côme-du-Mont. Volgens de ooggetuige Donald R. Burgett in zijn boek 'Currahee' brak de tank door de bocage en reed achter een heg op en neer om de indruk te geven dat er meer dan één tank was. Toen de tank al zijn munitie had verschoten draaide hij de weg op. Een Duitse 88mm trof de tank waarop de gehele bemanning omkwam. De commandant, 1e Luitenant Walter T. Anderson uit Minnesota, zou nog dagen nadien uit de tankkoepel hebben gehangen. Voor de Amerikanen zou deze plek tijdens de gevechten 'Dead Man's Corner' worden genoemd.

De onfortuinlijke Stuart tank nabij 'Dead Man's Corner'

Het paratrooper-museum is een doorgaand project. In 2015 werd in een grote hal achter het museum een simulator (het 'D-Day Experience') met een originele romp van een C-47 geopend waarin de bezoekers even het 'gevoel' kunnen ondergaan wat de paratrooper moet hebben gevoeld tijdens de hachelijke sprong in het duister boven Normandië. Sinds 2016 staat er als blikvanger een M5 Stuart tank voor de deur. Het museum is ondergebracht in een historisch huis. De inrichting is zeer smaakvol bedacht.

Een M5 Stuart tank staat als blikvanger voor 'Dead Man's Corner'

De Duitsers gebruikten het eerst als hoofdkwartier en later als eerstehulppost. Beneden is het museum dan ook als zodanig ingericht zoals het tijdens de eerste gevechten in juni 1944 eruit zou hebben gezien. Zodra u boven bent, krijgt u een idee dat u in een soort van C-47 transportvliegtuig bent. De decorinrichting is van hoogstaande kwaliteit. Ook de tentoongestelde zaken zijn zeer de moeite waard. Veel originele stukken geschonken door veteranen staan in de vitrines (tot 2016 waren er ook uitgeleende objecten van Major Dick Winters, beroemd geworden door 'Band of Brothers' te vinden, maar deze zijn door de eigenaar weer weggehaald). In het achtergedeelte van het museum is de mogelijkheid om authentieke souvenirs te kopen.

De souvenirs winkel van 'Dead Man's Corner'
(Foto: Menno Sietses)

Saint-Côme-du-Mont

Om de route naar Carentan veilig te stellen vanaf Sainte-Marie-du-Mont, was het noodzakelijk om het stadje Saint-Côme-du-Mont, gelegen op de rechterflank van de D 913, in handen te krijgen. Ter hoogte van het kruispunt dat nu bekend staat als ‘Dead Man's Corner’ maakt de D 913 een aansluiting naar het noorden, de D 270, naar het enkele honderden meter verder gelegen Saint-Côme-du-Mont.

De kerk van Saint-Côme-du-Mont en T/4 Joseph ‘Jumping Joe’ Beyrle

In de nacht van 6 juni sprongen ook hier para’s van de 101st Airborne Division. Net als de beroemde ‘landing’ op de kerktoren van Ste-Mère-Église door de 82nd para’s Steel en Russell, zo landde ook hier een paratrooper op de kerk. T/4 Joseph ‘Jumping Joe’ Beyrle, I-Company, 506th PIR, 101st Airborne Division sprong op een hoogte van ongeveer 120 meter uit de C-47. Van deze lage hoogte was het onmogelijk om de parachute te sturen, en Beyrle kwam op de kerk terecht, terwijl machinegeweervuur vanaf de kerktoren hem om de oren vloog. Even verderop stond een boerderij in brand en gelukkig voor Beyrle verlegde de machinegeweer zijn vuur die kant op.

Toen Beyrle weer op de grond stond, besloot hij westwaarts te gaan, de route vanwaar de vliegtuigen waren aangevlogen, in de hoop kameraden van zijn stick te vinden. In de volgende uren opende hij in zijn eentje de aanval met handgranaten op een groepje Duitsers die in de buurt van een generator zich ophielden. Hij wachtte het resultaat niet af en kroop weg onder een heg door,… in de handen van Duitsers welke in een mitrailleurnest zaten. De Duitse paratroepers van 6. Fallschirmjäger Rgt. namen Beyrle gevangen. Deze deed alsof hij een zware rugblessure had, en werd overgebracht naar een eerstehulppost nabij de kerk. Hier werd hij verzorgd door de 101st Division bataljons dokter Stanley Morgan, welke ook gevangen was genomen door de Duitsers. Na een ontsnappingspoging werd Beyrle overgebracht naar een Duits hoofdkwartier ten zuiden van Saint-Côme-du-Mont.

De kerktoren eruit geschoten door scheepsgeshut

In de ochtend van 6 juni werd het de Duitsers in het hoofdkwartier van de 6. Fallschirmjäger Rgt. te Periers, duidelijk dat er Amerikaanse parachutisten waren geland in de Cotentin. Het hoofdkwartier werd naar het noorden verplaatst, naar Saint-Côme-du-Mont. In de middag kwam de commandant van het 6 Fallschirmjäger Rgt., Friedrich August Freiherr von der Heydte, polshoogte nemen, nog steeds niet bewust van de landingen die op dat moment in volle gang waren op Utah Beach. Toen Von der Heydte de kerktoren beklom en richting de zee keek, realiseerde hij zich gelijk dat de invasie begonnen was. Terwijl hij vol ontzag naar de enorme vloot voor de kust keek door zijn verrekijker, kwamen de eerste zware granaten van de oorlogsbodems zijn kant uit. De aarde schudde door de explosies en Von der Heydte verliet snel zijn uitkijkpost die kort daarop een voltreffer kreeg.

Achter de kerk van Saint-Côme-du-Mont, Toen & Nu,
Amerikaanse militairen met een Duitse 'Panzerschreck'

Angoville-au-Plain

Een dorpje waar men meestal aan voorbij rijdt is Angoville-au-Plain. Het ligt tussen St-Côme-du-Mont en Vierville, richting Ste-Marie-du-Mont aan de D 913. Het is een dorpje van niks met als middelpunt een klein kerkje. Maar het lag in DZ-D, de meest zuidelijk drop-zone van de 1st en 2nd Battalion, 501st PIR. van de 101st Airborne Division. De eerste 48 uur na de sprong waren hier zware gevechten tussen de paratroopers en de Duitse Fallschirmjäger.

Het kerkje van Angoville-au-Plain aan het Place Toccoa,
(op de voorgrond het monument voor Wright en Moore)

In de 2nd Battalion waren twee medics, Robert E. Wright en Kenneth J. Moore die de kerk gebruikten als eerstehulppost. Dagenlang vochten ze om soldaten en burgers in leven te houden. Toch zouden minstens drie paratroopers sterven in de kerk. Op één van de achterste banken is nog steeds het hout doordrongen van bloed,… een vlek die blijft herinneren dat kostbaar leven hier verloren ging. De gevechten rond dit punt gingen op en neer. Op een gegeven moment kwamen zelfs enkele Duitsers de kerk in, maar verlieten deze na een snelle check. Wright en Moore hadden bepaalt dat iedereen in de kerk welkom was zolang ze hun wapens maar buiten lieten. De kerk, één van de oudste in deze omgeving, werd zwaar beschadigd in de strijd en alle middeleeuwse ramen waren gesneuveld. Pas in 2004 werd genoeg geld ingezameld om de kerk te restaureren. Twee glas-in-lood ramen zijn opgedragen aan de paratroopers waarvan één speciaal aan de medics Wright en Moore.

Robert E. Wright en Kenneth J. Moore
flankeren één van de twee glas-in-lood ramen

Naar Ste-Marie-du-Mont

Keer terug naar de D 913 en neem de weg naar Houesville, ga hier rechtsaf naar La Croix-Pan (onder de N 13 door). Rij verder via de D 129. Na één kilometer komt u bij het monument voor General Pratt, de eerste gesneuvelde generaal op 6 juni, 1944. Voor meer hier over, zie ook de pagina over de 101st Airborne Division. Ga op de kruising nu rechtsaf richting Hiesville en dan naar Vierville over de D 329.

Het eerste hoofdkwartier voor Major-General Maxwell Taylor bij Hiesville

Even buiten Hiesville komt u langs het boerenbedrijf waar de opvolger van General Pratt, Major-General Maxwell Taylor, een week doorbracht. Er is een plaquette ter herinnering naast de ingang aangebracht.
Na Vierville, linksaf naar Ste-Marie-du-Mont, over de D 913.

De 101st Airborne Division bestond uit 8451 man maar ze sprongen zover uiteen dat van een geconsolideerde troepenmacht geen sprake was. In kleine groepjes werd hier met de Duitsers gevochten. In deze omgeving vocht het 506th van de 101st Airborne Division, later bekend geworden door de tv-serie Band of Brothers.

Ste-Marie-du-Mont, Toen en Nu

In Ste-Marie-du-Mont is de kerk na de oorlog van nieuw glas in lood voorzien en de toren gerestaureerd. Verder is het plaatsje nog net zo als 60 jaar geleden. Op veel huizen en gebouwen hangt een plaquette met informatie wat het gebouw deed tijdens de Duitse bezetting en de invasie. Nabij de kerk is een klein museum is een 'dump-winkel' (La Boutique du Holdy) met veel authentiek materiaal uit de maand juni 1944 (openingstijden wisselen, maar eind van de middag meestal open). Ook achter de kerk is een winkel met authentiek materieel, maar erg prijzig.

In het weiland tegenover Brécourt Manor werd geschiedenis geschreven

Een indrukwekkende episode in de TV-serie, Band of Brothers, uit deel 2, 'Day of Days', speelde zich hier af. Lt. Dick Winters kreeg hier de opdracht om vier kanonnen die vanuit een weiland bij Brécourt Manor Utah Beach beschoot, uit te schakelen. Sinds 2008 wordt dit feit herdacht met een monument. Om de plek te vinden, verlaat u Ste-Marie-du-Mont via de weg naar het noordoosten (de kust) over de D 913. Deze weg staat bekend als 'EXIT 2' ('EXIT 1’ lag bij Pouppeville). Na een kilometer komt u op de kruising met de D 14, ga hier links af. Na ongeveer 500 meter komt u bij de afslag naar Brécourt Manor (het monument staat hier op de hoek). Het monument is mede tot stand gekomen door steun van de familie De Vallavieille (van Brécourt Manor), Marco Kilian, Marion van Hellmond, Frank Slegers, Ralph Ligtvoet, in samenwerking met de Steenhouwerij Rijtink (allen uit Nederland).

Aan de D 14, het monument om de actie bij Brécourt Manor te herdenken

Opvallend detail aan het monument is de geëtste kaart die Dick Winters na de oorlog maakte die de situatie toont op 6 juni, 1944. Wellicht herkent u de vormgeving van het monument, een zelfde staat aan de bosrand van Le Bois Jacques nabij Foy België.

U kunt nu het smalle weggetje nemen richting Brécourt Manor. Tegenover Brécourt Manor is het weiland waar de Duitse kanonnen ooit stonden. Dit is privé terrein en mag niet zomaar bewandeld worden.

Voor het hele verhaal en meer over de 101st Airborne Division,
klik hier

Op 6 juni 2012 werd wederom een nieuw monument onthuld. Ditmaal een standbeeld van Richard Winters welke verder is opgedragen aan alle troepen die als eerste aan land kwamen in Normandië. Het standbeeld staat aan de D 913, een kilometer buiten Ste-Marie-du-Mont richting Utah Beach. Het standbeeld draagt op de sokkel de uitspraak van Winters: 'Wars do not make men great, but they bring out the greatness in good men'.

Op de volgende pagina gaat de tour verder naar Utah Beach en het noorden, naar de Batterij van Crisbecq en Azeville en naar onder andere Ste-Mère-Église. Klik op onderstaande foto van het monument voor Major Richard Winters en de eerste Geallieerde troepen die op 6 juni 1944 in Normandië landden.

GA TERUG