TOUR DE SLAGVELDEN VAN NORMANDIË
UTAH BEACH, HET VERVOLG

VERVOLG DE KUSTWEG NOORDWAARTS VIA DE D421:

Batterie de Crisbecq

Vijf kilometer na het Leclerc Monument, via de D421, linksaf de D 69 op en volg de borden 'Batterie d'Crisbecq' even voorbij Saint-Marcouf (of ga even verder landinwaarts de D 69 op).

De vuurgeleidingsbunker van Crisbecq

Hier zijn enkele enorme kazematten voor zwaar geschut. Er is een klein museum ingericht sinds deze locatie in 2003 geheel is blootgelegd. In twee kazematten van het Type R 683 stonden twee 210mm kanonnen opgesteld, verdedigd door drie 21 mm kanonnen, zes 75 mm luchtafweergeschut, drie 20 mm's en zeventien machinegeweren. Er waren nog twee kazematten in aanbouw, plus het plan voor een vijfde. Alles was rondom beschermd door landmijnen en prikkeldraad.

Een kazemat Type R 683 van Crisbecq, Toen en Nu

In de vroege ochtend van 6 juni viel hier 600 ton bommen zonder schade aan te richten. De kanonnen kwamen bij daglicht in actie en brachten een fregat tot zinken en beschadigden een kruiser en andere schepen. Het tegenvuur vernietigde veel kleiner geschut maar de 210mm's bleven in actie tot de 12de juni. Op deze datum trokken de Duitsers zich terug met achterlating van 78 doden. De kazematten zijn daarna opgeblazen door de genietroepen van de Amerikanen. Vanaf de vroegere vuurgeleidingsbunker heeft u een goed overzicht hoe het complex is ingedeeld.

Batterie d'Azeville

Ga na Crisbecq iets verder landinwaarts naar de Batterie d'Azeville. Dit is zeker een bezoek waard. Hier zijn vier kazematten te vinden; twee R 671 en twee R 650 (waarvan één bovenop een extra borstwering had voor een 37mm luchtafweerkanon). Gedurende de gehele nacht van 5 op 6 juni, 1944 werd deze batterij aangevallen door Amerikaanse paratroopers. Toch wist het in de morgen haar kanonnen te richten op Utah Beach.

In de nacht van 8 op 9 juni werd de noordelijke R 650 tweemaal getroffen door 35,6cm granaten van het slagschip de USS Nevada. Eén treffer kan men vinden aan de (linker) buiten zijde, de tweede sloeg in via de geschutsruimte, drong door twee betonnen muren, maar explodeerde niet (de granaat kwam aan de achterzijde tot rust en kwam in de jaren negentig van de vorige eeuw weer aan het licht tijdens graafwerkzaamheden). Ondanks dat het een 'blindganger' betrof, kwamen de aanwezige Duitsers in de geschutsruimte allemaal om het leven door de enorme klap en luchtverplaatsing. De zware verdediging van de batterij dwong de geallieerden om de stelling heen te trekken. Maar na intensieve gevechten viel de batterij dan toch op 9 juni.

Duidelijk is de treffer van de USS Nevada te zien in deze R 650

Tegenwoordig is het een goed bewaarde batterij die ook buiten de bezoekuren deels goed te bewonderen is. Let hier eens op de originele 'nepsteen' beschildering die hier en daar nog op de kazematten zit. Opvallend is dat deze kazematten een extra 'gleuf' naar rechts hebben zodat het kanon een verder bereik naar die zijde had, de zuidpunt van Utah Beach. Overal op de kazematten zijn sporen van granaat en kogel inslagen te zien. Hier stonden in juni 1944, 4 X 105mm Schneider 331 (f) kanonnen van Franse makelij opgesteld. Onder begeleiding van een audioapparaat is het mogelijk om tunnels te bezoeken. Deze tunnels lopen onder het gehele complex door.

Let op de oude 'nepsteen' beschildering van deze R 671

Vanuit Azeville is het een korte rit naar Sainte-Mère-Église. Een sleutelplaats tijdens de nachtelijke landingen van de paratroopers van het 82nd Airborne Division en wereldberoemd gemaakt door de speelfilm 'The Longest Day'.

6 JUNI 1944, 01.30 UUR OBJECT: SAINTE-MÈRE-ÉGLISE

6 juni, 12.50 uur, voorzichtigheid bij de para's van de 82nd Airborne Division,
er zouden nog sluipschutters in de toren kunnen zitten,...
Toen & Nu

Ste-Mère-Église was het object dat ingenomen moest worden door het 82nd Airborne Division. Een bekende scène uit de film 'The Longest Day' gaat over de inname van dit stadje. Tijdens de sprong van de parachutisten stond hier een huis in de brand (daar waar nu het museum staat). Hierdoor waren veel burgers op straat om te helpen blussen. De bewuste pomp staat nog steeds op het kerkplein. Soldaat John Steele maakte hier zijn hachelijke sprong. Hij bleef uren aan de kerktoren hangen om later krijgsgevangen te worden van de Duitsers (waaraan hij later wist te ontsnappen). Hij was niet de enige die gegrepen werd door de kerktoren, ook Ken Russell werd met zijn parachute slachtoffer van de kerk. Maar hij wist al snel los te komen en weg te komen.

Detail van het glas-in-lood raam, ontworpen door Renaud, in de kerk

In de kerk zijn twee glas-in-lood ramen te bewonderen die de nachtelijke sprong herdenken. Boven de hoofdingang is ontworpen door Paul Renaud, zoon van de burgemeester ten tijde, Alexandre Renaud. Hierop is de Maagd Maria afgebeeld geflankeerd door paratroopers. Het andere venster is gedoneerd door veteranen van de 82nd Airborne Division. Hierop is Sint Michael afgebeeld, beschermpatroon van de paratroopers.

De kerk van Ste-Mère-Église wordt aangevallen, Toen en Nu

HET AIRBORNE MUSEUM IN STE-MÈRE-ÉGLISE:

Het museum, met de daken in de vorm van parachutes, schuin tegenover de kerk is zeer de moeite waard, trek daarvoor minstens 2 uur uit. Onder het eerste dak is een authentiekeWaco CG-4 zwever te vinden. in de vitrines liggen onderdelen van onder meer geborgen zwevers. Tevens zijn er zeer veel persoonlijke objecten geschonken door veteranen te bezichtigen. Onder een ander dak is een C-47 transportvliegtuig te vinden. Daarbuiten op het terrein verschillende stukken 'hardware', zoals een Sherman tank en een GMC truck.

In 2014 is een nieuwe vleugel geopend in het Airborne Museum. Deze is een geweldige aanvulling. Men stapt een deur binnen, en gelijk sta je in een C-47 die met donderdend geweld over de Cotentin vliegt. In het donker flitst het afweervuur, en hoort men de commando's aan de troepen aan boord schreeuwen. De trillingen door het geluidsysteem wekt de suggestie dat je echt in het toestel zit. Bij het verlaten van de C-47 krijgt men een windvlaag in het gezicht alsof je echt naar buiten stapt. Via een doorzichtige vloer loopt men naar de tentoostellingen.

De 'jumpboots' van Ken Russell en het uniform van General Gavin

Fraai vormgegeven poppen, die echt op de mannen lijken die ze uitbeelden, dragen de originele uniformstukken, zoals bijvoorbeeld van General Gavin, Lt.Col. Vandervoort, General Ridgeway, maar ook van DeGlopper, de Medal of Honor drager. In een vitrine hangen de medailles van John Steel en staan de 'jumpboots' van Ken Russell (beide hingen aan de kerk van Ste-Mère-Église). Dit nieuwe deel is prachtig opgezet, en moet men bezoeken als men dit museum aandoet.

In 2017 werd een 'nieuwe' Sherman tank op het terrein geplaatst

In 2016 werd wederom een nieuw paviljoen op het museum terrein geopend. Het lijkt niet groot maar dat komt vanwege het feit dat hier een fraaie filmzaal is ingebouwd in het achterste deel. Het voorste deel van de tentoonstellingsruimte bevat een overzicht met vitrines waarin objecten liggen die herinneren aan de Slag om de Ardennen, in december 1944. Opvallend is dat veel objecten in bruikleen zijn van het museum in Bastogne, België. Jarenlang stond er een M4A1(76)W in een late versie die nooit in Normandië actie heeft gezien. In februari 2017 werd een andere Sherman tank geplaatst. Deze, een M4A4, lijkt meer op zijn plek vanwege de uitstraling die deze versie heeft, met het standaard 75mm kanon. Maar ook dit is eigenlijk een type dat niet geheel correct is. Het is een versie welke na de oorlog is omgebouwd door de Fransen om een Continental motor in te passen (een zogenaamde M4A4(T).

Op de volgende pagina gaan we naar
de zwaar bevochten bruggen over de Merderet.
Klik op 'Iron Mike' hieronder

Terug