25 juni 1972, desperate Zuid-Vietnamezen proberen in een Huey
te komen op de vlucht voor oprukkende Vietcong nabij An Loc
Met het steeds sterker worden van de Vietcong, de onrust bij het thuisfront in de Verenigde Staten,
liep de oorlog in Vietnam langzaam naar een desastreus einde. President Nixon wilde de Amerikaanse
troepen terug naar huis halen. Eind april 1972 moest het aantal
Amerikaanse gevechttroepen teruggebracht zijn tot 69.000. Op 12 augustus vertrokken de laatste Amerikaanse gevechtstroepen.
Op 11 november 1972 werd de grootste Amerikaanse luchtmachtbasis Long Binn,
18 km ten noordoosten van Saigon, overgedragen aan het Zuid-Vietnamese leger.
Waren de Amerikaanse grondtroepen uit Vietnam verdwenen, de US Air Force bleef nog even actief, onder andere met
de Operation Linebacker II, bombardementen in december 1972 over Noord-Vietnam. Vanaf 15 januari 1973 werden er geen
militaire operaties meer door Amerikanen uitgevoerd op Noord-Vietnam, alle gevechtshandelingen lagen nu bij de Zuid-Vietnamezen.
Operation Frequent
Wind
Op 29 april 1975 openden de Noord-Vietnamezen de aanval op
het vliegveld Tan Son Nhat bij Saigon. De schade aan het
vliegveld hield in dat deze onbruikbaar werd voor
transportvliegtuigen om als evacutieveld te worden gebruikt.
Hierop trad Operation Frequent Wind in werking, het
evacueren per helikopters vanuit Saigon. US Marine helikopters
en Huey's van Air America vlogen de laatste 978
Amerikanen, plus zo’n 1100 Zuid-Vietnamezen, en hun families,
die voor de Amerikanen werkten, uit de door Noord-Vietnamese
soldaten belegerde stad Saigon. Ze werden met spoed naar
vliegdekschepen overgebracht, zodat de helikopters een nieuwe
lading vluchtelingen konden halen. Deze evacuatie vond plaats
vanaf de twee gebouwen van de ambassade van de Verenigde
Staten en de CIA. Om 05.00 uur, op 30 april steeg als laatste
met burgerpersoneel geladen CH-46 'Lady Ace-09' op, met aan
boord de ambassadeur Graham Martin en zijn familie. Piloot
Captain Gerry Berry had opdracht om eventueel met getrokken
wapen de ambassadeur te dwingen, mocht deze hebben geweigerd
te vetrekken (wat niet nodig bleek, amassadeursvrouw liet
zelfs een koffer achter zodat een vrouwelijk Zuid-Vietnamees
staflid nog mee kon). Om 07.53 uur vertrokken de laatste
Mariniers die voor de beveiliging hadden gezorgd, deze moesten
met bloedend hart toezien hoe enkele honderden wanhopige
Zuid-Vietnamezen achterbleven.
Een Huey van Air America op het
dak van de CIA, in Saigon, gereed om vluchtelingen aan
boord te nemen
(Deze beroemde foto is gemaakt door de
Nederlandse oorlogsfotograaf Hubert van Es)
Naast deze groep ‘georganiseerde’ chaos, was er ook een
groep Vietnamese vluchtelingen die op eigen houtje probeerden
weg te komen, met boten en helikopters. Deze groep gingen de
Chinese Zee op, daar ze wisten dat daar de Amerikaanse 7de
Vloot lag. Eén van deze schepen, de USS Kirk, een destroyer
had tot taak om eventueel vijandelijke jagers neer te schieten
die het op deze vloot gemunt hadden. Maar in plaats van
Noord-Vietnamese jagers kwamen er Huey helikopters vol
met vluchtelingen op hen af. De Kirk had een klein
landingsdek, maar konden deze onervaren piloten wel een
landing uitvoeren op een bewegend dek? Maar er was geen keus,
de vliegers zetten door. De eerste landde en de mensen aan
boord werden snel uitgeladen, om de volgende binnen te wuiven.
De derde Huey die binnenkwam raakte de tweede zijn staartboom.
Er zat niks anders op dan de helikopters na de landing
overboord te zetten, er was geen ruimte om zoveel helikopters
te bergen op het kleine dek. Ook op andere marine schepen,
zoals de vliegdekschepen USS Hancock en USS Midway, speelden
dezelfde taferelen zich af, landende helikopters,
vluchtelingen eruit en de toestellen over de rand van het
schip.
Een Huey wordt over de kant gezet
nadat de vluchtelingen uitgeladen zijn en het toestel
zoveel mogelijk gestript is.
Tussen alle Huey’s kwam op een gegeven moment ook een
Chinook CH-47 aangeflapperd richting het dek van de USS Kirk,
en ondanks het angstige trachten van de bemanning van de USS
Kirk om deze grote, met dubbele rotors uitgeruste, helikopter
tegen te houden, zette de piloot door. Maar Chinook draaide
een kwartslag, en liet de achterlaadklep zakken, en vanaf
ongeveer drie meter werden de kinderen en baby’s uit het
toestel naar de wachtende matrozen geworpen. Ook de volwassen
passagiers kwamen veilig aan boord van de Kirk. Als laatste
kwam de co-piloot uit de Chinook, waarop de piloot, Ba Nguyen,
de grote helikopter weg vloog van de Kirk. Op zo’n vijftig
meter vanaf het schip zette de piloot de kist op haar
linkerzijde en sprong uit het rechterraam. Maar de rotors
sloegen op dat moment met explosieve kracht in de zee, en
vlogen aan stukken. Even werd gevreesd voor het leven van de
piloot, maar die kwam even later boven water. De matrozen aan
boord van de Kirk wisten Ba Nguyen uit de golven te redden. In
totaal kwamen 16 helikopters naar de Kirk en brachten 200
vluchtelingen aan boord. In totaal zouden zo'n de 23.000
Zuid-Vietnamezen aan boord genomen worden van de 7de Vloot.
Het verlies aan Huey’s, die overboord werden gezet, was
enorm,... maar een mensenleven gaat voor vervangbaar materieel.
En weer gaat een Zuid-Vietnamese Huey overboord
- München 1972 -
In september 1972 bleek de Huey geen mensenredder,
maar een dodelijke val. In de nacht van 4 op 5 september
hadden acht leden van de Palestijnse terreurbeweging 'Zwarte
September' elf Israëliërs gegijzeld in het Olypische Dorp in
München, Duitsland. Na onderhandelingen zouden de gijzelnemers
en hun gegijzelden per vliegtuig naar Caïro, Egypte, worden
overgevlogen. Op 6 september 1972 werden ze eerst in een bus
vervoerd en vervolgens in twee Huey helikopters
overgevlogen naar de luchtmachtbasis Fürstenfeldbruck.
Het uitgebrande wrak van de UH-1D
op Fürstenfeldbruck
Toen bleek dat er geen bemanning in het vliegtuig aanwezig
was, realiseerde de leider van de terroristen dat het een
valstrik was, en keerde terug naar de helikopters. Hierop werd
door politiemensen het vuur geopend. De gijzelnemers
beantwoordden het vuur en wierpen tevens een handgranaat in de
helikopter met de Israëliërs. Alle elf kwamen om het leven in
de daarop volgende explosie en brand. Vijf van de acht
terroristen kwamen ook om het leven.
- Twilight Zone; The
Movie -
Het onfortuinlijke wrak van de
UH-1B op de set van Twilight Zone; The Movie
Een ander negatief incident waar een Huey bij
betrokken was, was tijdens het filmen van een onderdeel van de
speelfilm Twilight Zone: The Movie, uit 1983. Een
speciaal geprepareerde Bell UH-1B Huey raakte betrokken
in een explosieve scène. De staartrotor werd geraakt en
stortte vervolgens neer op twee kinderen, Myca Dinh Le en Rene
Chen, en de acteur Vic Morrow, die alle drie om het leven
kwamen. Het was een drama dat ten tijde breed werd uitgemeten
in de pers.
Model 212 - UH-1N
De Mariniers wensten in 1968 een Model 205 met een dubbele
motor. Boven zee opereren brengt zoveel risico's met zich mee
dat een storing met één motor desastreus zou zijn. Aangezien
ook Canada een tweemotorige versie wilde, ging Bell een
alliantie aan met Pratt & Whitney Canada. Aanschaf door de
Amerikaanse defensie hing even nog aan een zijden draad,
vanwege de liberale opstelling van Canada tegenover de
inmenging van de Verenigde Staten in Vietnam en maakte er geen
punt van dat jongens die onder de dienstplicht wilden uitkomen
(lees 'uitzending naar Vietnam ontduiken') uitweken naar
Canada. Het Amerikaanse congres ging alleen akkoord tot
aankoop als er PT6T/400 motoren in kwamen van Amerikaanse
makelij.
Een UH-N van het Amerikaanse
Marine Corps
In 1970 verscheen het Model 212 (Twin Two Twelve), de
UH-1N. De Amerikaanse luchtmacht nam er 79 af en de
Navy/Marine Corps 221 stuks. De UH-1N is gemakkelijk te
onderscheiden van de eerdere modellen door een iets scherpere
neus en de grotere motorgondel op de romp. Ondanks de dubbele
motoren was de UH-1N iets langzamer dan de UH-1H. Wat verder
opvalt aan de Marine Corps versie, de UH-1N is het ontbreken
van de stabilisator boven op de rotorkop. De UH-1N maakt
gebruik van het Stability Control Augmentation System (SCAS)
welke servo's aanstuurd die de stabiliteit verzorgen van de
rotor.
Links de stabilisator op de
standaard leger UH-1 rechts de UH-1N Marine Corps versie
zonder de stabilisator
De eerste inzet was bij de USAF 20th Special Operations
Squadron in Vietnam. Zonder markeringen, en in Green Hornet
camouflage maakte het verkenningsvluchten. Voor eigen
bescherming waren de UH-1N's uitgerust met Miniguns, of 40mm
garnaatwerpers, en raketpotten.
Canada nam 50 CUH-1N Twin Huey's af (in Canada
aangeduid als de CH-135 Twin Huey), welke geleverd
werden vanaf 1971. In 1999 werden de laatste uit de Canadese
inventaris afgestoten, waarvan er 41 naar de Verenigde Staten
gingen, die ze doorstuurden naar het leger en de politie van
Colombia (als wapen tegen de drugsbaronnen en de FARC
rebellen).
Italië bouwde bij Agusta-Bell de UH-1N in licentie als de
AB 212. Deze types zijn herkenbaar aan de stabilisator op de
rotorkop. De Agusta versies vlogen bij de Italiaanse marine,
Griekse marine, Peru, Spanje, Turkije, Venezuela en Iran.
Bell UH-1Y Venom (of
Super Huey)
De Marine Corps is niet de laatste Amerikaanse eenheid die
nog opereerd met de UH-1N, maar deze worden nu wel vervangen
voor de Bell UH-1Y Venom (of ook wel Super Huey
genoemd). Niet alleen de avionics zijn gemoderniseerd, ook de
motoren zijn stukken sterker geworden. Tevens werden de
dubbele rotors uitgebreid naar vier rotors (waardoor het
karakteristieke 'whoep, whoep' geluid verdween). In eerste
instantie zouden oude frames van UH-1N worden gebruikt, maar
in april 2005 werden er contracten getekend om nieuwe
toestellen te bouwen. In 2016 hoopt het Marine Corps 160
Y-modellen te hebben ontvangen en de UH-1N's afgeschreven.
Een aangepaste regerings USAF
UH-1N van de Joint Base Andrews (let op de aanwezige
stabilisator op de rotorknop)
De US Air Force opereert ook nog minstens met 62 UH-1N's,
waarvan 25 stuks bij Intercontinetal Ballistic Missile (ICBM)
bases zijn gestationeerd, en 19 stuks op Joint Base Andrews om
eventueel regeringsmedewerkers uit Washington DC te evacueren.
Voor testen en trainingen zijn nog 18 UH-1N's in gebruik.
Model 209 - AH-1
'Cobra'
Tijdens de Vietnam oorlog bleek er een tekort aan zwaar
bewapende gevechtshelikopters die flexibel ingezet konden
worden. Lockheed was bezig met haar AH-56A Cheyenne, de
Advanced Aerial Fire Support System (AAFSS) project dat veel
geld opslokte uit de Amerikaanse defensiekas.
Het mislukte project AH-56A
Cheyenne
Bell bouwde uit eigen fondsen Model 209. Ze gebruikten
verschillende onderdelen uit de Huey waaronder de
rotor, aandrijvingen en de motor. Het Amerikaanse leger
bestelde direct een aantal als interim aanvalshelikopter tot
de Cheyenne beschikbaar zou komen. Als de AH-1G Huey
Cobra zag de eerste machine actie in september 1967. Het
was een opvallende verschijning aan het front.
Een AH-1G
Cobra
De romp is smal gehouden en de beide vliegers zitten in
tandem. De piloot zit achterin, voorin bedient de schutter
onder andere het 20mm kanon. De Marine Corps die ook de UH-1
Huey gebruikte als bewapende helikopter, wilde de
Cobra ook. Deze kregen de AH-1J Sea Cobra met
een verbeterde neusgeschut, een drie-loops XM-197 20mm kanon.
De Lycoming T-53 werd vervangen voor een Pratt & Whitney
T400 (2 x 900 pk aaneen gekoppeld). De AH-1J zag voor het
eerst actie in februari 1971.
De AH-J Sea Cobra van het
Marines Corps.
Het was wrang dat de Cobra al eerder ingezet had
kunnen worden. Beleidmakers van de Amerikaanse defensie wilden
graag de AH-56 Cheyenne in hun arsenaal, mede door het
vele geld dat al in het project was gestopt. Na maanden van
vruchteloze discussie vroeg de General Harold K. Johnson Chief
of Staff van het leger aan Colonel George P. Seneff wat de
soldaten nodig zouden hebben in Vietnam. Colonel Seneff
vertelde aan hem en Vice Chief of Staff General Greighton, 'De
soldaten sterven NU, niet in de toekomst. Ze hebben NU de
Cobra nodig'. Mede hierdoor werd besloten de
Cobra aan te kopen. En werd de AH-56A na 10 prototypen
gecanseld.
AH-1W SuperCobra van de US Marine
Corps
Uiteindelijk zouden negen landen, naast de Verenigde
Staten, de Cobra aanschaffen.
Ook de Cobra is doorontwikkeld. De belangrijkste
modellen waren de AH-1S met de Avco Lycoming T-53-L-703 en de
mogelijkheid om TOW raketten te voeren, en de AH-1W die vooral
opvalt door de opbollende wangkappen en betere stoorzender
IRCM achter op de romp. Voor de Marines werd de AH-1T
Improved Sea Cobra ontwikkeld door de krachtiger
T400-WV-402 motor aan te brengen en ook de mogelijkheid tot
het afvuren van de TOW raket. Tegenwoordig, 2013, vliegt
alleen de US Marine Corps nog met de Cobra, een verbeterde
versie de AH-1W SuperCobra welke herkenbaar is aan de
vierbladige rotor.
Een ex-AH-1F (Bell 209) van de
U.S. Forest Service
Ook de U.S. Forest Service schafte 25 ex-US Army AH-1F's
aan om als spottervliegtuig dienst te doen. Nu met de
oorspronkelijke aanduiding Bell 209 zijn deze toestellen nu
onder andere uitgerust met infrarood sensoren om eventuelen
bosbranden vroeg op te kunnen sporen en te controleren.
Model 412
Zoals in het voorgaande wel duidelijk is geworden, de
ontwikkeling stopte niet na Model 205. Verbeterde versies
verschenen door de jaren heen in de vorm van Model 214 en de
412. Van Model 412 zijn nu meer dan 400 gebouwd, waarvan 260
gebouwd bij Agusta-Westland. De Nederlandse luchtmacht heeft
op het heden drie door Augusta gebouwde AB-412SP's (Special
Performance) in dienst voor SAR (search and rescue)
werkzaamheden. Het typische klappende geluid van de
Huey helikopter is bij de AB 412 (en Model 214)
verdwenen door het gebruik van vier rotorbladen. Door de gele
kleur van de Nederlandse AB-412 heeft ze de bijnaam 'Tweety'.
Een AB-412SP Tweety van de
Nederlandse luchtmacht
Hoe er ook gesleuteld wordt aan het basisconcept van de
Huey, het draagt nog steeds de vormgeving waar het ooit
mee begon. Het roemruchte rotorgeluid die een Huey
aankondigde zal wel verdwijnen met de komst van de vierbladige
rotor, maar het type zal altijd direct herkend worden als het
in zicht komt. En heeft men behoefte aan het kenmerkende
geluid van de Huey, dan zijn daar nog de speelfilms,
Apocalyps Now, We Were Soldiers en The Deer
Hunter,... of de song van Billy Joel, Goodnight
Saigon, welke opent en sluit met 'wwhoep, wwhoep,
wwhoep,....'
Onderstaande gegevens betreffen de
UH-1H.
| Fabrikant |
Bell |
| Gebruik |
transport/gun-ship/air-ambulance |
| Motor |
1 x Textron
Lycoming T53-L-13 |
| Vermogen |
1400 pk |
| Rotordiameter |
14.64 m |
| Lengte |
12,79 m |
| Hoogte |
4,40 m |
| Gewicht |
Leeg |
2363 kg |
Geladen |
4310 kg |
| Snelheid
max. |
205 km/u |
| Plafond |
3840 m |
| Bereik |
510 |
| Bewapening |
Standaard in
Vietnam was de UH-D/H bewapend met in iedere deur een
M60 machinegeweer. |
| Bemanning |
2, tot 12
passagiers |
| Eerste
vlucht |
XH-40; 2 oktober
1956 |
| Aantal
gebouwd |
15.000
+ |
Een UH-1C in actie tijdens de
opnames van de speelfilm 'The Deer Hunter'
Klik op 'Top 50' voor mijn
persoonlijke 'best of' militaire vliegtuigen lijst.
GA TERUG
|