MICHAEL WITTMANN
Een Duitse tank-ace

Untersturmführer Michael Wittmann

Michael Wittmann wordt geboren op 22 april, 1914 in Vogelthal, Oberplatz. Op 1 februari, 1934, treed Wittmann toe tot de Reichsarbeitdienst waar hij zes maanden dient. Op 30 oktober van dat zelfde jaar treed hij toe in het Duitse leger, bij 10. Kompanie, 19. Infanterie-Regiment. Op 30 september 1936 verlaat hij deze dienst als Unteroffizier. Op 5 april, 1937 treed Wittmann toe tot 1. Sturm, 92. Standarte, Leibstandarte SS Adolf Hitler (LSSAH). Later dat jaar begint de training in een licht vierwiel pantservoertuig, de Sd.Kfz.222 om vervolgens over te stappen in de zes wieler, de Sd.Kfz.232. Wittmann wordt daarop ingedeeld bij een Panzer verkenningseenheid van de LSSAH. In September 1939 begint de oorlog voor SS-Unterscharführer Wittmann als commandant van de verkenningseenheid dat Polen binnenvalt. Het is kort van duur, want in oktober begint de opleiding voor Wittmann bij de SS-Sturm-Batterie van de LSSAH met de Sturmgeschutz Ausf A. In het najaar van 1940 start de Panzer carrière van Wittmann in Joegoslavië en Griekenland. In Griekenland krijgt Wittmann het commando over een eigen peloton van Sturmgeschutz III Ausf A.

Een bouwdoos van Dragon met de Sturmgeschutz III Ausf A

Op 11 juni, 1941 vertrekt LSSAH en Wittmann naar het oosten in voorbereiding voor Operatie Barbarossa die op 22 juni losbarst. In juli ontvangt Wittmann het IJzeren Kruis (2de klas) voor de vernietiging van zes Russische tanks. Ondanks dat hij korte tijd later gewond raakt, weigerde hij zijn eenheid te verlaten. Op 8 september van dat zelfde jaar krijgt hij het IJzeren Kruis (1ste Klas) voor vernietiging van zes Russische tanks tijdens één gevecht nabij Rostov en wordt gepromoveerd tot SS-Oberscharführer. Vanwege zijn voorbeeldige prestaties krijgt Wittmann in juni 1942 een aanstelling als cadet officierstraining die hij als Panzer instructeur (SS-Panzerausbildungs und Ersatz-Abteilung) op 5 september, 1942 verlaat. In de herfst wordt de status van LSSAH verhoogt tot een Panzer-Grenadier Division. Het toegevoegde 13. Kompanie wordt uitgerust met de PzKpfw VI Tiger. Op 21 december wordt Wittmann gepromoveerd tot SS-Untersturmführer en wordt bij 13. Kompanie ondergebracht als commandant van een peloton Panzer III Ausf L/M in de Tiger compagnie. Na training vertrekt de LSSAH in januari, 1943 naar het oostfront. In het voorjaar stapt Wittmann over op de Tiger I in 13. Kompanie.

Een Duitse soldaat inspecteerd een uitgeschakelde T-34 tijdens Operatie Zitadelle

Op 5 juli, 1943 vernietigd Wittmann tijdens Operatie Zitadelle 13 T-34 tanks en 2 anti-tank kanonnen. Enkele dagen later, op 7 en 8 juli, worden nog eens 7 Russische tanks uitgeschakeld (2 T-34, 2 SU-122 en 3 T-60/70 tanks). Op 12 juli worden 8 Russische tanks vernietigd plus 3 anti-tank kanonnen en een geschutsbatterij. Als de operatie op 17 juli wordt afgesloten heeft Wittmann een score van 30 Russische tanks en 28 kanonnen. Op 29 juli, 1943 wordt de 13 Kompanie gebruikt om de Schwere SS Panzer Abteilungen 101 te vormen die daarop wordt aangesloten bij de LSSAH. In augustus wordt de LSSAH verplaatst naar Italië. In oktober wordt 1st SS-Panzer-Grenadier-Division 'Leibstandarte SS Adolf Hitler' omgedoopt tot 1st SS Panzer Division LSSAH. Diezelfde maand vertrekt de divisie weer naar Rusland. Op 13 oktober vernietigd Wittmann 20 T-34 tanks en 23 andere kanonnen.

Michael Wittmann met het 'Ritterkreuz mit Eichenlaub'

Op 13 januari, 1944 ontvangt Michael Wittmann het Ritterkreuz voor zijn inzet. Hij heeft dan, volgens de propaganda machine die het over de radio schalt, 88 tanks en gemotoriseerde kanonnen vernietigd. Enige dagen later ontvangt schutter SS-Rottenfuhrer Balthasar (Bobby) Woll het IJzeren Kruis vanwege zijn groot schutterschap, ook als de tank in beweging is. Op 20 januari, 1944 werd Wittmann gepromoveerd tot SS-Obersturmfuhrer. Twee weken later, 30 januari, ontving Wittmann een telegram van Hitler waarin melding werd gemaakt dat Wittmann de 380ste Duitse Wehrmacht soldaat was die het Eikenblad ontving aan het Ridderkruis van het IJzeren Kruis. Deze mocht hij uit handen ontvangen, in de Wolfsschanze, van Hitler zelf op 20 februari.

Wittmann zijn bemanning wordt gefeliciteerd
(let op de 88 strepen op de loop van het 8,8cm kanon van Tiger S04)

Vanaf 29 februari tot 2 maart 1944 wordt het grootste deel van de compagnie verplaatst naar Mons in België. Rond deze periode ontvangt Wittmann het commando over 2. Kompanie, sSSPzAbt 101, LSSAH. Op 2 maart maakt Wittmann tijd vrij om te trouwen met Hildegard Burmester waarbij Bobby Woll getuige is. Wittmann werd een held voor het volk. In april 1944 bezocht Wittmann de Henschel und Sohn fabriek in Kassel waar de Tiger I werd geproduceerd. Hier ziet hij ook de gemoderniseerde Ausf. E. In mei keert Wittmann terug bij sSSPzAbt 101, LSSAH die dan in de buurt van Lisieux in Normandië is gestationeerd. Rond deze tijd werd Bobby Woll, de trouwe schutter van Wittmann, zelf commandant van een Tiger I (de ‘335’) en zou ook in Normandië vechten waar hij later gewond raakte nabij Bayeux toen zijn tank getroffen werd tijdens een aanval van jachtbommenwerpers. Woll zou pas weer actie zien tijdens het Ardennen Offensief eind 1944 in een Tiger II. Woll overleed in 1996.

Tiger '331' van de 3. Kompanie, sSSPzAbt 101 in Normandië

De Schwere SS Panzer Abteilungen 101, 1st SS Panzer Division, ‘Leibstandarte SS Adolf Hitler’ was ten tijden van de invasie op 6 juni, 1944 een panzer reserve onderdeel van de Panzer Lehr Division, waarin ook de 12. SS Panzer Division ‘Hitler Jugend’ was ondergebracht. sSSPzAbt 101 was op dat moment onder commando van Heinz von Westernhagen (Tiger ‘007’). Commandant van 1. Kompanie was SS-Haubtsturmführer Rolf Möbius, van 2. Kompanie SS-Obersturmführer Michael Wittmann en van 3. Kompanie was SS-Obersturmführer Hanno Raasch de commandant. Op 6 juni (D-Day) kreeg Wittmann een nieuwe Tiger, de ‘205’ waarmee hij optrok naar het front. Tijdens het verplaatsen bleven er nog maar zes Tiger tanks over van de oorspronkelijke 12 die operationeel waren in 2. Kompanie, vanwege technische problemen of door toedoen van Geallieerde jachtbommenwerpers. En zo kwam 2. Kompanie op 12 juni aan ten noordoosten van Villers-Bocage waar ze in bivak gingen. De volgende dag zou Wittmann definitief de geschiedenisboeken ingaan.

Voor het hele verhaal van Wittmann in Villers-Bocage
KLIK HIER

Michael Wittmann duidelijk nog steeds 'geladen'
na zijn vernietigende actie in Villers-Bocage

Op 22 juni, 1944, na het succes in Villers-Bocage ontving Wittmann de zwaarden bij zijn Ridderkruis met Eikenblad (persoonlijk voorgedragen door de commandant van Panzer Lehr, Generalleutnant Fritz Bayerlein), uit handen van SS-Obergruppenfuhrer und Panzergeneral der Waffen SS Josef ‘Sepp’ Dietrich, commandant van de LSSAH. Op 25 juni mocht Wittmann de ceremonie nogmaals ondergaan toen hij de zwaarden nogmaals kreeg uitgereikt door Hitler persoonlijk. Hiermee werd Wittmann de meest gedecoreerde tanker van de Tweede Wereldoorlog. Tevens werd hij gepromoveerd tot SS-Haupsturmfuhrer.

Michael Wittmann met Adolf Hitler op 25 juni, 1944

Wittmann mocht een positie bekleden als instructeur, maar hij verkoos het front voor een school en keerde terug naar Normandië. Gedurende juli, 1944 vocht hij tijdens de Slag om Caen. Begin augustus kreeg Wittmann, als Abteilungskommandant, weer een nieuwe Tiger I, de ‘007’ waarmee hij op 8 augustus in de omgeving van Cintheaux opereerde. Om 12.55 uur werd de Tiger van Wittmann getroffen in een veld naast de weg van Caen-Cintheaux, nabij Gaumesnil. De explosie blies de complete koepel van de tank en de gehele bemanning kwam om. Na de strijd werden de lichamen door de Britten in een kuil begraven naast de restanten van de Tiger ‘007’. In maart 1983 werden de stoffelijke resten gevonden toen men bezig was met de nieuwe N 158.

Tiger '007' met rechts de uit de romp geblazen koepel, op de kop ernaast

Jaren lang was het een vraag waar Michael Wittmann zijn lichaam was begraven, laat staan dat men wist wat de oorzaak was van het exploderen van de ‘007’. Men ging er lange tijd van uit dat een jachtbommenwerper de Tiger had uitgeschakeld. Dit naar aanleiding van een onderzoek van Serge Varin die de ‘007’ vond. Varin kon geen penetratiegaten vinden van granaten, behalve aan de achterzijde waar één groot gat zat nabij het motordek. Varin concludeerde dat een RAF Typhoon een HE raket in de dunne (25mm) bepantsering had geschoten waarop de Tiger was geëxplodeerd. Op 8 augustus zouden Typhoons verantwoordelijk zijn geweest voor de vernietiging van 135 Duitse tanks. Maar ook verschillende tankeenheden claimden de vernietiging van ‘007’, zoals de 1st Polish Armoured Division en de 4th Canadian Armoured Division.

Sherman Vc Firefly, 3 Troop, A Squadron, Northamptonshire Yeomanry

Meest geaccepteerde mening vandaag de dag is dat Wittmann en zijn bemanning omgekomen zijn door toedoen van een Sherman Vc Firefly, 3 Troop, A Squadron, Northamptonshire Yeomanry. Deze Firefly, de ‘Velikye Luki’ onder commando van Sergeant Gordon zou met enkele andere Fireflies drie Tigers onder vuur hebben genomen waarbij alle drie de Tigers werden vernietigd. De eerste Tiger werd uitgeschakeld om 12.40 uur en de tweede, die terug vuurde, explodeerde met een enorme explosie om 12.47 uur. De derde Tiger, waarschijnlijk dus ‘007’, werd uitgeschakeld met twee granaten, afgeschoten door schutter Trooper Joe Ekins van de Firefly van Sergeant Gordon. Aldus staat het zo beschreven in het officiële logboek van A Squadron.

Het graf van Wittmann en zijn bemanning op de begraafplaats van La Cambe

Nadat de stoffelijke resten werden gevonden van Wittmann en zijn bemanning werden deze herbegraven op de Duitse oorlogsbegraafplaats La Cambe, waar het tot op de dag van vandaag één van de meest bezochte graven is. Helaas zijn er dan altijd personen die denken dat het gepast is het graf te ontsieren met de nodige extreem rechtse en fascistische relikwieën. Wittmann was een SS’r (hij stond bekend om zijn fanatieke 'hielen-klikken') en streed voor een verderfelijke regime. Maar zijn heldenmoed mag daarbij niet vergeten worden. Ook was hij zeer populair bij zijn manschappen en toonde hij, ondanks de smerige oorlog die vooral aan het Oostfront werd uitgevochten, soms menselijke kantjes. Een uitgeschakelde T-34 waarvan de bemanning brandende het wrak verliet, werden met dekens door Wittmann en zijn mannen gedoofd en overgedragen aan de medische verzorging. Maar, het bleef een koelbloedige tanker die tot het uiterste ging en dat uiteindelijk met de dood moest bekopen. De Duitse begraafplaats bij La Cambe is te vinden aan de N 13 (globaal centraal tussen Bayeux en Carentan). Wittmann en zijn bemanning is begraven in vak 47, rij 3 en graf 120.

Het totaal aan behaalde overwinningen voor Wittmann stond op 8 augustus, 1944 op 141 tanks en 132 anti-tank kanonnen. De meeste overwinning had hij aan het Oostfront behaald.

GA TERUG