Fischbach Depot
'AREA 1'
In De Koude Oorlog

Het terrein van Area 1 is nu nog een verlaten gebied met lege bunkers. Er is sprake dat er misschien ooit een museum in het commandogebouw of in bunker 11 wordt ingericht. Op dit moment is er op een display bij bunker #11 enige uitleg wat voor wapens en munitie hier opgeslagen waren. Aangezien nog steeds geheim is wat er precies opgeslagen was, moet men de informatie krijgen van mensen die hier ooit gewerkt hebben. In iedergeval lagen hier delen van de Pershing II raketten en hun kernkoppen opgeslagen en Lance raketten in containers (lager op deze pagina meer hierover). Ook waren er 8 inch W79 nucleaire artilleriegranaten opgeslagen met de koffers 'Permissive Action Link' (PAL) om de wapens scherp te zetten. Daarnaast was er zogenaamde 'Atomic Demolition Munition' in de bunkers opgeslagen.

De nu lege bunkers van Area 1

De opgeslagen 8 inch W79 artillerie granaten konden worden afgeschoten met 203mm geschut. De granaten met de ‘MOD 0’ lading bestond uit een kracht van 100 ton tot 1.1 kiloton met versterkte straling, beter bekend als de neutronenbom (welke in of uit geschakeld kon worden). De ‘MOD 1’ had een conventionele nucleaire kop, met een kracht van 0,8 ton (gelijk aan 800 ton tnt). De 1.12 cm lange en 90 kg zware granaten werden tussen 1979 en 1986 geproduceerd en in 1992 uit het Amerikaanse arsenaal gehaald.

Een 8 inch W79 granaat

De 'Atomic Demolition Munition' is een type wapen van geheel andere aard. Deze ADM werd niet afgeschoten, maar door, speciaal opgeleide, militairen in het veld als mijnen gebruikt tegen vijandelijke oprukkende grondeenheden. Dit wapen zou waarschijnlijk bij een inval door de Russen ingezet zijn in de 'Fulda Gap'. Het zou bruggen, tunnels en dammen moeten opblazen, wegen ondermijnen, maar vooral het gebied radioactief besmetten om vijandelijke troepen af te schrikken zich in de ‘killing zone’ te begeven. Men had speciaal militaire specialisten opgeleid om per parachute eventueel achter de Russische linies te droppen om centrales lam te leggen. Een team bestond uit slechts twee man, één met de 'Special Atomic Demolition Munition' bom op de rug in een H912 container, een tweede om te assisteren. Deze kleine nucleaire bommen kwamen in het nieuws omdat gevreesd werd dat er van de Russische versie van deze zogenaamde ‘kofferbommen’ in handen zouden zijn van de terroristische groep al-Qaeda. Onderwijl lijkt het erop dat van deze bewering niets klopt, en zeggen de Russen dat de verblijfplaatsen van de ‘kofferbommen’ bekend zijn.

Klik op het handboek om een 'Special Atomic Demolition Munition'
in een H912 container te bekijken

Er lag in Area 1, naast de kleinere wapens en munitie, ook een deel van het tot de verbeelding sprekende Amerikaanse raket arsenaal van Pershing II en de Lance raketten. De Lance raket was ontwikkeld om de neutronen kernkop te vervoeren. De dodelijke uitwerking (straling) was enorm, maar de schade zou mee vallen bij gebruik. De MGM-52 Lance was de vervanger voor de Honest John raket en de Sergeant SRBM ballistiche raket. De grote van de (kern)kop bepaalde de maximale afstand van de ruim 6 meter lange raket, deze lag tussen de 70 en de 120 km. Na 1992 werden de Lance raketten buiten gebruik gesteld.

Een test lancering van een Lance raket
(Foto: US Army)

Op 12 december 1979 besloot de NAVO om 572 nucleaire raketten te stationeren in West Europa. Hiervan waren 464 vanaf de grond gelanceerde Tomahawk-kruisraketten (in Engeland, West-Duitsland, Italië en Nederland) en 108 Pershing II raketten welke alleen in Duitsland geplaatst zouden worden (zij vervingen de Pershing 1b). Niet alleen was vervanging een aspect om tot plaatsing over te gaan, maar ook om te kunnen onderhandelen met de Sovjet Unie over het terugdringen van hun mobiele SS-20 raketten in Europa. De 10,61 m lange Pershing II was een 7,462 kg zware middellange afstandsraket en had een W85 nucleaire kernkop met een kracht die varieerde tussen de 5 en 80 kiloton TNT. Met een snelheid van meer dan Mach 8 bedroeg de operationele afstand een kleine 1800 km. De Pershing bestond uit vier delen die geassembleerd moesten worden. De twee brandstof cellen waren in containers opgeslagen die gekoppeld werden, waarna als laatste de doelradar en kernkop geplaatst werd.

Een mobiele Pershing II in gereedheid gebracht voor lancering
(Klik op de foto voor een andere foto)

Een plaats om kernkoppen van de Pershing II op te slaan was Area 1. Hiervandaan werden ze overgebracht naar de lanceerplaatsen verder Duitsland in. In Area 1 waren geen voorzieningen om raketten te lanceren. Eén van deze lanceerplekken was gelegen bij Heilbronn op de Waldheide, 150 kilometer oostwaards vanuit Area 1. Hier ging het tijdens een oefening op 11 januari 1985 vreselijk mis. De afzonderlijke secties (1e trap, 2e trap, bedieningssectie, kernkop en radarsectie) bevonden zich in transportcontainers en moesten tot een mobiele draagraket worden gemonteerd met behulp van de speciale kraan. Toen de eerste trap kort voor 14.00 uur uit de transportcontainer werd getild en in contact kwam met metalen dragers van de container, stootte deze lek enexplodeerde zijwaarts. Twee soldaten waren op slag gedood, een andere stierf op weg naar het ziekenhuis. Verder waren er dertien gewonden in verschillende brandwond gradaties. Delen van de brandstof en de raket werden tot 125 meter weg geslingerd. Het hete vuur van ongeveer 3000 °C vernietigde de montagetent, de tractor en twee andere voertuigen volledig. Ook een buiten geparkeerd civiel voertuig raakte beschadigd. Een geluk was het dat de QRA-positie met klaar om te lanceren nucleaire raketten ongeveer 250 meter verder lag en geen schade opliep. De 2de trap van de raketfase liep hitteschade op maar ging niet in vlammen op.

Een Pershing II wordt tijdens een oefening geassembleerd
(een soortgelijkende operatie ging in januari 1985 gruwelijk mis)
(Foto: US Army)

De oorzaak werd ondermeer gelegd bij de zeer koude dag, -7 graden. De kevlar behuizing waarin een mengsel zat van HTPB als een ondersteunende substantie, ammoniumperchloraat als een oxidatiemiddel en aluminium als een reductiemiddel. Toen de brandstofcel uit de transportcontainer werd getild, werd het geladen met het zogenaamde tribo-elektrische effect. De koude, droge lucht schermde aanvankelijk de elektrische lading af. Terwijl het elektrostatisch geladen raketdeel een stalen steun van de container raakte toen deze optilde, werd de elektrostatisch lading plotseling afgevoerd. Dit leidde tot een ineenstorting van het potentiaalveld in de samenstelling van de brandstof en tot een activering van het oxidatiemiddel en vervolgens tot een ontsteking van de drijflading.
Om dit soort ongelukken in de toekomst te voorkomen werden door de Amerikanen verbeteringen aangebracht aan het Pershing II systeem. Maar het ongeluk bij Heilbronn zette kwaad bloed onder de burgerbevolking.

Een protest van 400.000 mensen in 1981 op het Museumplein in Amsterdam
(Foto: Cor Mulder)

Al vanaf het begin van de jaren tachtig van de vorige eeuw waren er protesten tegen het plaatsen van kernwapens ‘in de achtertuinen van de burgers’ in West-Europa. Zoals een protest van 400.000 mensen, bijeengekomen op het Museumplein in Amsterdam op 21 november 1981. In 1981 en ‘82 werd er ook door honderdduizenden Duitsers in Bonn geprotesteerd tegen kernwapens. In september 1983 werd er een blokkade door Duitse demonstranten ingericht bij de basis Mutlangen, een basis voor Pershing II raketten. Op 22 oktober 1983 lopen er door verschillende grote Duitse steden protestdemonstraties met een totale schatting van 1,3 miljoen mensen. Op 29 oktober 1983 werd in Nederland, in Den Haag, de grootste demonstratie tot dan gehouden toen 550.000 mensen de straat opgingen, georganiseerd door ‘Komitee Kruisraketten Nee’. Er werden 3,7 miljoen handtekeningen aangeboden aan de Nederlandse premier Ruud Lubbers (die een beetje slapjes reageerde ‘dat er dus 10 miljoen mensen niet tegen waren’). Maar er werd wel twee jaar uitstel gegeven aan de plaatsing.

Een Pershing II wordt geassembleerd in Mutlangen
(Foto: DPA)

Maar het ongeluk op 11 januari 1985 zette het protest tegen kernwapens nog meer op scherp. Er waren al eerder ongelukken geweest, zoals de botsing in november 1982 tussen drie mobiele lanceerinstellingen met Pershing II raketten waarbij één dode was gevallen. In september 1984 schiet een mobiele lanceerinrichting los, rolt uit een bosweg en valt op zijn kant waarbij de Pershing doormidden breekt. Op 11 oktober 1986 komt er een grote vredesdemonstratie door 200.000 mensen op de Hunsrück tegen de stationering van raketten op de basis Pydna. Maar de protesten in Nederland wierpen hun vruchten af. Op 8 december 1987 werd met het INF-verdrag (Intermediate-Range Nuclear Forces Treaty), overeengekomen dat er in Nederland geen kruisraketten geplaatst zouden worden, waarmee Nederland het enige aangewezen land was die geen kruisraketten op zijn grondgebied kreeg. Maar het zou nog tot het uiteenvallen van het Warchau Pact duren eer de Pershing II en de andere lichtere Amerikaanse kernwapens uit Duitsland zouden verdwijnen. In 1992 werd ook de Pershing II uit het Amerikaanse arsenaal verwijderd.

Pershing II raketten worden gereed gemaakt voor vernietiging

Met een aanpassing in Intermediate-Range Nuclear Forces Treaty (INF verdrag) op 27 mei 1988 werd besloten de Pershing II in Europa af te voeren en te vernietigen. In oktober 1988 werd hiermee begonnen en de laatste Pershing II ontstak zijn motor in mei 1991 waarna de raket werd vermorzeld op de Longhorn Army Ammunition Plant nabij Caddo Lake, Texas. De Pershing 1a was niet opgenomen in het INF verdrag, maar de Duitsers voerden deze ook af in 1991 en deze werden in de Verenigde Staten vernietigd. In 1992 werd de rest van de Pershing II uit het Amerikaanse arsenaal verwijderd.

Een bewaard gebleven Pershing II

Met het INF verdrag en het verdwijnen van de dreigingen tussen Oost en West verdwenen de in Duitsland gestationeerde korte-en middenlange afstandsraketten en daarmee werden ook de munitie opslagdepots ontmanteld en opgeheven. Toch is er op het voormalige complex Area 1 nog veel interessant te ontdekken. In de toekomst hoopt men van het terrein meer te maken zodat het als museum toegankelijker kan worden. Er is ook nu geen toezicht op het terrein, wat inhoudt dat het al enkele malen vandalistisch is bezocht, in één van de bunkers is een grote brand geweest. Er is een plan om het commandogebouw of bunker #11 in te richten als museum.

Op bovenstaande kaartje ziet u ook de aanduiding 'Helipad'. Bij een conflict zouden transport helicopters de nodige wapencontainers ophalen om naar de operationele bases te brengen. Bij de laatste grote missie, 'Operation Silent Echo', welke liep van eind 1991 tot half 1992, werden de bunkers leeggehaald om aan het INF verdrag te voldoen. Ook op het bovenstaande kaartje ziet u 'explosiemuur'. Dit waren twee grote aarden wallen die bij een eventuele explosie in de bunkers # 1 en #2 het in de 'vuurlinie' gelegen Maintenance & Assembly gebouw (het M&A is nu verdwenen) moesten beschermen. In het M&A werden wapensystemen onderhouden. Er was een kantoor, een werkplaats met zandstraal en spuitcabine. Ook was er een calibratie ruimte die speciaal was ingericht om elektrostatische ladingen tot een minimum te beperken. Nucleaire wapens zijn aan achteruigang onderhevig en behoeven een constante controle. Hiervoor waren speciale nucleaire wapen technici verantwoordelijk behorende tot 41st en 64th Ordnance companies, onderdeel van de 59th Ordnance Brigade in Primasens. Uiteraard was dit gevoelige gebouw zwaar beveiligd met contact-en bewegingmelders Het gebouw werd eind jaren negentig gesloopt nadat alle bruikbare zaken verkocht waren.

Het commandogebouw (linksvoor nog een kleine gevechtsbunker)

En zo komt u aan het einde van de rondgang op dit facinerende relikwie van de Koude Oorlog, Area 1. Laten we hopen dat dit complex bewaard kan blijven en nooit meer in gebruik genomen hoeft te worden voor het doel waar het ooit voor bestemd was. Helaas moet geconstateerd worden dat de spanningen tussen Amerika en Rusland danig onderkoelt zijn geraakt (2019). Ook de vrees dat de wapenwedloop weer nieuw leven wordt ingeblazen is niet ondenkbaar.... Maar we leven in hoop dat het verstand het van machtwellust wint,...

GA TERUG