AH-64 APACHE
Aanvalshelikopter

Was de AH-64A Apache aanvalshelikopter al geen schoonheid, met de komst van een vrachtwagenwiel boven op de rotor werd het er niet fraaier op, maar wel beter! De 'Longbow' versie van de AH-64 kun je beter niet tegenkomen als deze op zoek is naar jou, hij vind je en er is geen ontkomen aan.

Om tanks uit te schakelen kun je andere tanks of infanterie met anti-tank wapens inzetten. Maar dit zijn vrij statische eenheden op een slagveld en daardoor kwetsbaar. Een vrij bewegende, zonder obstakels gehinderd vliegtuig of helikopter kan sneller en dieper het vijandelijke gebied binnendringen en oprukkende of verdekt opgestelde voertuigen uitschakelen. Grootste voordeel van een helikopter is het extreem laag opereren en stilhangen om zijn doel te kunnen markeren en te bestoken.
Tijdens de oorlog in Vietnam bleek dat het invliegen van troepen een kwetsbare aangelegenheid was in de gebieden die gecontroleerd werden door de Vietcong. Dunwandige vliegtuigen en helikopters zijn nu eenmaal kwetsbaar tegen het kleinste kaliber munitie. Om deze toestellen te beschermen en de landingplaats veilig te stellen was een helikopter nodig met veel vuurkracht en een hoog incasseringsvermogen.

Lockheed AH-56A Cheyenne, steunende op een achterwiel
(nog zonder de bewapening onder de romp)

Een futuristische poging werd ondernomen met de ontwikkeling door Lockheed van de AH-56A Cheyenne, een aanvalshelikopter waarbij de piloot en de schutter in tandem zaten. Opvallend aan de Cheyenne was de duwschroef achter aan de staartboom, om het toestel extra 'push' te geven. Maar het project liep traag en Bell kwam met een snelle goedkopere oplossing, de AH-1G Cobra. De Cheyenne werd uiteindelijk gecancelled.

Lockheed AH-56A Cheyenne verder in de ontwikkeling
(let op de duwschroef, de doelmarkering 'pod' en de bewapening onder de romp)

Bell en Hughes kregen in 1973 van het Amerikaanse leger de opdracht om een aanvalshelikopter te ontwikkelen in het kader van de AAH (Advanced Attack Helicopter). Bell kwam eerst met een 'mock-up', een model op ware grote, van de YAH-63, een toestel dat van een neuswiel was voorzien. Opvallend was de aandrijfas van staartrotor die boven de staartboom was aangebracht. In grote lijnen leek het toestel op een vergroot Model 309 King Cobra, ook vanwege de tweebladige rotor. Anders dan bij de voorgaande aanvalshelikopters van Bell, de piloot zat voorin. Er werd vervolgens een vliegwaardig prototype van de YAH-63 gebouwd.

De Bell YAH-63

Hughes hun eerste voorstel kwam ook in de vorm van een 'mock-up'. Bij dit eerste voorstel voor de YAH-64, had deze helikopter een staartwiel (net als bij de AH-56A Cheyenne). Bij de 'mock-up' van de YAH-64 was het staartstabilo helemaal onderop het kielvlak aangebracht. Anders dan bij het voorstel van Bell hun YAH-63, was de helikopter van Hughes verder voorzien van een vierbladige rotor. Vanuit de 'mock-up' werd vervolgens een eerste prototype gebouwd.

Een 'mock-up' van de Hughes YAH-64
Let op het staartstabilo, laag op het kielvlak.

Bij het prototype van de Hughes YAH-64 was het staartstabilo hoog op het staartsstabilo nu gezet (afgekeken van de Bell YAH-63?). Vanwege het staartwiel stond de helikopter schuin, en om een beter zicht naar voren te hebben, was de piloot in een hogere positie geplaatst dan bij het voorstel van Bell voor hun YAH-63. Vr de piloot van de YAH-64 zat de schutter van het beweegbare kanon dat schuil ging onder de romp, (anders dan bij de Bell, die geheel van voren zat). Lagen de General Electric motoren van de Bell meer in de romp, bij de Hughes zaten deze in gondels buiten de romp. Het eerste prototype van de YAH-64 vloog op 30 september 1975.

Het prototype van de Hughes YAH-64
Let op het staartstabilo, nu hoog op het kielvlak.

Het Amerikaanse leger was zeer gecharmeerd door de YAH-64 en Hughes kreeg de order om haar helikopter in productie te nemen. Het eerste productietoestel rolde op 30 september 1983 uit de fabriek in Mesa. In oktober 1983 ging Hughes Inc. als dochter op in de McDonnell Douglas Corporation. In 1985 werd de afdelingnaam aangepast tot de McDonnell Douglas Helicopter Corporation.

En van de prototypes van de Hughes YAH-64A
Het staartstabilo is weer naar onderen verplaatst

De vier bladen van de rotor van de Apache zijn van een opvallende constructie door het gebruik van roestvrij staal en buizen van glasfiber, waarbij de achterzijde van composietmateriaal en honigraad constructie is, wat een taaie opbouw geeft. De stevige rotor kan daardoor ook treffers van 23mm kanonnen incasseren. Kwetsbare onderdelen van de transmissie wordt beschermt door ESR-staal dat .50 kaliber (12.7mm) kan verduren.

De bemanning zit relatief veilig omgeven door kevlarplaten die aangebracht zijn aan de zij- en achterkant van de stoelen. De meeste avionica is ondergebracht in een grote uitstulping aan de zijkant van de romp. De ophanging van het landinggestel loopt door deze 'blaren' heen.

Het 30mm M230 Chain Gun systeem
(Foto: Pirony.CZ)

De bewapening van de Apache was ook n van de redenen om te kiezen voor de AH-64. Vooral het door Hughes ontwikkelde 30mm M230 Chain Gun automatische kanon was doorslaggevend. Het kan 100 links en rechts draaien onder een hoek van 11 (hoog) en 60 (laag). 1200 patronen kunnen binnen twee minuten verschoten worden. Onder de vleugels waren oorspronkelijk TOW raketten gedacht, maar deze werden voordat de Apache in dienst kwam al vervangen door de machtigere AGM-114 Hellfire raketten. De Apache gebruikt een laser om het doel te markeren waarna de Hellfire het werk afmaakt. Ook kan een laser gebruikt worden van een secundaire bron, zoals van bijvoorbeeld de Bell OH-58D die boven op haar rotor daartoe een grote 'laserbol' heeft en daardoor een opvallende verschijning op een slagveld is.

Links de Hellfires, rechts de FFAR rakettenhouder ('rocket pod')

Naast de Hellfire heeft de Apache de beschikking over de FFAR. Een FFAR rakettenhouder met 19 lanceerbuizen voor 69,85mm ongeleide raketten. Om de helikopter en alle wapens te richten is doelzoekapparatuur voor in de neus aangebracht. In een draaibare koepel is aan de bovenzijde een PNVS (Pilot Night Vision Sensor) gecombineerd met een FLIR genstalleerd (zie nummer 1. hieronder). Deze PNVS wordt weergegeven op een klein schermpje (de IHADSS, Integrated Helmet and Display Sighting System) voor een oog van de piloot en de schutter. Onder de PNVS bevind zich de TADS (Target Acquisition Designation Sight).

De PNVS (1) en de TADS (2 & 3), rechts de IHADSS

Aan stuurboordzijde bestaat de TADS uit een FLIR voor doelopsporing en markering (2.). Aan bakboordzijde van de TADS bevind zich een DTV (Day Time Vision) en een DVO (Direct Vision Objective) met een laser afstandmeter en volgapparatuur (3.).
(Lockheed Martin heeft een nieuw doel en nachtzicht systeem ontwikkeld, genaamd 'Arrowhead'. In mei 2005 werden de eerste units geleverd en in 2011 zouden 704 Amerikaanse Apaches hiermee uitgerust moeten zijn.)

De ALQ-144 IRCM achter de rotoras

Achter de rotor bevond zich een opvallende hoekige spiegelende 'beschuitbus'. Dit was de zogenaamde ALQ-144 IRCM voor infrarood tegenmaatregelen. Deze straalde pulserende hitte af om eventuele hittezoekende raketten te misleiden. Deze werd bij latere modellen vervangen voor de Northrop Grumman Guardian laser-based 'Direct Energy Infra-red Counter Measure' (DIRCM), zie de volgende pagina.

Op de volgende pagina
trekt de Apache ten strijde
KLIK HIERONDER
en u schiet er direct naartoe,...

GA TERUG