Boeing B-29
Superfortress

Ondanks verwoede pogingen de productie B-29 bommenwerpers zo goed mogelijk van de lijn te laten lopen, bleef het steeds maar aanpassen en veranderen. Zodra de eerste 175 B-29s van de lijn kwamen werden ze direct overgebracht naar zogenaamde modification depots waar de allerlaatste aanpassingen werden aangebracht. Deze ‘Battle of Kansas’ had tot doel om op 1 januari 1944 vier groepen gereed te hebben om in de Stille Oceaan missies te gaan vliegen. Hiertoe werd op 28 maart 1943 XX Bomber Command aangewezen en ondergebracht in het op 4 april 1944 opgerichte 20th Air Force, onder leiding van General Henry H. (Hap) Arnold.

20th Air Force en XX Bomber Command

Een speciale eenheid van 600 man van Boeing Wichita onderzochten en verbeterden 9900 punten. De grootste problemen bleef de Wright R-3350 geven. De grote vraag naar de motoren voor de B-29 was één van de oorzaken dat er geen tijd werd gemaakt om afdoende het probleem aan te pakken. Hadden de prototypen nog de R-3350-13 Duplex Cyclones, de productie machines werden voorzien van de R-3350-23.

De 18 cilinder Wright R-3350-23-23A/-41 Duplex Cyclone

De Wright R-3350 bestond uit 2 x 9 cilinders in twee rijen achter elkaar die goed waren voor 2200 pk. Het compacte concept en de strakke bekapping die Boeing ontworpen had en gebouwd door General Motors, zorgde er voor dat de koeling onder de maat was. Een mix van brandstof en zuurstof door slecht geplaatste kleppen kon als een gasbrander werken tijdens een ontsteking die de klepstangen deed smelten. Als dit gebeurde knalde de cilinder uit elkaar en vatte de motor vlam. Als de brand niet direct door de voorste brandblussers kon worden bedwongen, dan was het een verloren zaak. De hitte brandde naar het hoofdspant van de vleugel binnen anderhalve minuut en verzwakte deze binnen de kortste tijd totdat deze brak. Er was weinig meer aan te doen dan extra voorzieningen aan te brengen om koelte naar de motor te geleiden, zoals via de propellers.

Propaganda door de fabrikant moesten het nodige vertrouwen wekken

Drie hoofdfabrieken zorgden voor de assemblage van de B-29, Boeing Wichita ‘BW’ (die van de eerste productie er 1620 leverde), Bell-Airplane ‘BA’ (die van de eerste productie 357 bouwde) en Martin Omaha ‘MO’ (die van de eerste productie 204 produceerde).

B-29-90-BW 44-87775 gebouwd door Boeing Wichita
(dit toestel zou later als een YKB-29T zijn neergestort op 28-09-1955 in Alabama)

De B-29A, die een iets grotere spanwijdte had, namelijk 43,36 m, tegenover 43,05 m bij de B-29, was uitgerust met de R-3350-57 of de -59 motoren en de voorste rugkoepel had vier .50 machinegeweren. Dit type werd exclusief gebouwd bij Boeing Trenton ‘BR’, die er 1119 van produceerde.

Hier wordt het pantserglas voor de staartschutter aangebracht

DE B-29 GAAT TEN AANVAL

Voor het einde van maart 1944 vertrokken de eerste B-29 bommenwerpers naar India. Tegen midden april waren er 150 Superfortresses vertrokken. Maar het bleven vluchten met problemen. Eén B-29 kwam niet van de grond bij Marrakesh, een andere stortte neer bij Cairo. Nog eens vijf bommenwerpers crashten bij Karachi. Boven de 37 graden Celsius raakten de motoren oververhit en dit bleek dan ook de meest voorkomende oorzaak van de problemen. Om naar China verder te trekken moesten de B-29’s over de bergen en waren gedwongen hun eigen bevoorrading meenemen. Om gewicht te besparen werden alle wapens, behalve het staartgeschut, verwijderd. Op deze wijze groeide de bevoorrading in China trouwens wel erg traag. Het was de bedoeling dat XX Bomber Command uit twee Wings zou bestaan met vier Groups, maar door het gebrek aan voldoende vliegtuigen werd die tot één Wing, de 58th, teruggebracht.

B-29 42-94106 in haar element

Op 5 juni 1944 werd de eerste operationele missie met B-29 bommenwerpers gevlogen vanaf Kharagpur (Bengalen) naar Bangkok. Het werd niet direct het succes waarop men hoopte. Twee van de honderd bommenwerpers kwamen niet van de grond, 21 bereikten het doelgebied niet en vier moesten op de retourvlucht een noodlanding maken. Met een uitval percentage van 25% (dat niet aan vijandelijk optreden lag) en de geringe schade op de doelen bij Bangkok, was het optreden teleurstellend te noemen.

B-29-25-MO, 42-65276, van 793rd Bomb Sqn, 468th Bomb Group, 58th BW, XX BC

Op 15 juni kwam de volgende aanval, voor het eerst was Japan het doelwit. De Japanse radar had de formatie al snel in het oog en de luchtverdediging werd gealarmeerd. Boven het doel, Yawata, bleek alles verduisterd en probeerden de 75 bommenwerpers toch hun afwerppunt te vinden. Het hoofddoel, de ijzer- en staalfabrieken leden nagenoeg geen schade. Wel gingen er zeven B-29 bommenwerpers verloren, waaronder de eerste door gevechten toen een B-29 na een noodlanding werd beschoten door Japanse jagers, en kwamen 55 man om het leven.

Een B-29 over Japan. De binnenste stuurboordmotor verliest olie,...

Probleem bleef voorlopig ook de bevoorrading naar China, dat over het Himalaya gebergte ('The Hump') moest komen. Vanaf Chinese vliegvelden werden kleine vervolg aanvallen uitgevoerd:
Op 7 juli 1944, met 14 B-29's
Op 29 juli 1944, met 70+ B-29's
10 augustus 1944, met 24 B-29's
20 augustus 1944, met 61 B-29's
8 september 1944, met 90 B-29's
26 september 1944, met 83 B-29's
25 oktober 1944, met 59 B-29's
12 november 1944, met 29 B-29's
21 november 1944, met 61 B-29's
19 december 1944, met 36 B-29's
6 januari 1945, met 49 B-29's

Om het bombarderen te vergemakkelijken, was er bij de B-29 een AN/APQ-13 radar bombing/navigational geïnstalleerd. De radarantenne was ondergebracht in een kleine radome die tussen de twee bomruimtes neergelaten kon worden. Later in de oorlog werd de AN/APQ-7 Eagle radar gebruikt.

Deze B-29, met de naam 'Pride of the Yankees', verloor haar propeller van de binnenste motor
en deze beschadigde de buitenste motor waarop die propeller in vaanstand moest.
(let op de 'pot' onder de romp met de AN/APQ-13 radar)

De vlucht van 6 januari 1945 was de laatste vanuit China op Japan. Er werden nog wel missies gevlogen op andere doelen in Azië vanuit China en India, maar aan het einde van januari werden de B-29 bommenwerpers verplaatst uit China naar nieuwe bases op de Marianen eilanden om op te gaan in de XXI Bomber Command. Op 29 maart 1945 werd de laatste B-29 missie vanuit India gevlogen door XX Bomber Command. De tweede Wing van XX Bomber Command, de 73rd, ging rechtstreeks naar de Marianen.

Een B-29 wordt van bommen voorzien

Na de verovering van de Marianen eilanden werden daar op drie eilanden, Tinian, Saipan en Guam, vijf vliegvelden aangelegd. Voordeel van deze eilanden was dat deze eenvoudig over zee konden worden bevoorraden. Op 12 oktober 1944 landde de eerste B-29 van XXI Bomber Command op Saipan. De eerste aanval vanaf Saipan vond plaats op 28 oktober toen 14 toestellen het atol Truk als doel hadden. Op 24 november was de eerste aanval op Japan vanaf de Marianen toen door 111 B-29 bommenwerpers naar Tokio vlogen.

B-29 'Dina Might', van 504th Bomb Group, 313 Bomb Wing, XXI Bomber Command
(boven nog zonder de opvallende 'nose-art', die hieronder is aangebracht)

Dat de B-29 steeds beter op haar taak berekend was bleek op 19 januari 1945 toen de fabrieken bij Akashi werden aangevallen. 73rd Wing, XXI Bomber Command, ging met 59 B-29 bommenwerpers er opuit. Drie toestellen splitsten zich van de hoofdmacht en bombardeerden Hamamatsu, ten zuidoosten van Nagoya, om de Japaners te laten geloven dat dit het hoofddoel was, terwijl de overige 56 bommenwerpers hun 610 500 ponders op het doel lieten vallen bij Akashi. 45% van de fabrieken werd vernietigd. Elf Japanse jagers vielen de B-29’s aan, maar er ging geen één verloren, wel werden vier Japanse jagers neergeschoten.

Naast de gewone bommen, werd ook de brandbom veelvuldig ingezet. In totaal werden zevenenzestig Japanse steden gedurende zes maanden met brandbommen bestookt. Er was speciaal voor brandbommen gekozen vanwege dat de Japanse steden vooral uit hout waren opgetrokken.

BELANGRIJKSTE AANVALLEN MET BRANDBOMMEN OP JAPANSE STEDEN
DOOR B-29 SUPERFORTRESS VAN USAAF XXI BOMBER COMMAND

DATUM
DOEL
AANTAL B-29
TON BRANDBOM
DODEN
SCHADE
25-02-1945
Tokyo
172
450
...
30.000 gebouwen
09/10-03-1945
Tokyo
279
1667
83.000 + 1000.000 dakloos
267.000 gebouwen
14/15-03-1945
Osaka
274
1732
3988
135.000 huizen
17-03-1945
Kobe
307
2355
2669
66.000 gebouwen
19/20-04-1945
Nagoya
290
1858
...
7.8 km² verwoest
13/14/15/16-04-1945
Tokyo, Kawasaki, Yokohama
372
2139
...
249.000 gebouwen
14-05-1945
Nagoya
472
2515
...
7.8 km² verwoest
16/17-05-1945
Nagoya
475
3609
...
9.8 km² verwoest
23-05-1945
Tokyo
562
3600
...
13.7 km² verwoest
25/26-05-1945
Tokyo
502
3262
...
43.5 km² verwoest

Drie leiders van XXI Bomber Command, Maj. Gen. Curtis E. LeMay (links),
Brig. Gen. Hansell, en Brig. Gen. Roger M. Ramey, Deputy Commander.
(Saipan, januari 1945)

Niet alleen het opereren vanaf de eilanden maakte de B-29 efficiënter, ook de verbeterde bommenwerpers, zoals de B-29A met de vier machinegeweren in de bovenste voorste koepel, maar ook de tactiek droeg daar aan bij. De Bell fabriek leverden 311 B-29B’s af waarbij de complete bewapening niet aangebracht was op de staartschutter na. Dit leverde een grote gewichtsbesparing op en het maakte de productie een stuk eenvoudiger.

B-29B-60-BA, 44-84061 'Pacusan Dreamboat' van 315 Bomb Wing

Major General Curtis E. LeMay (met de bijnaam ‘Iron Ass’), kreeg het commando over de B-29 op de Marianen en zocht naar verbeteringen in de tactische inzet. Hij wilde meer operaties bij nacht en minder bij daglicht. Tevens gaf hij opdracht bij de meeste B-29 bommenwerpers de bewapening te verwijderen, inclusief het staartgeschut (bij de laatste werden dan bezemstelen aangebracht om de Japanse jachtvlieger te misleiden). Ook moesten de bommenwerpers tussen de 2500- en 4000 meter opereren aangezien de missies vanaf 7000 tot 11.000 meter slechte resultaten gaven. Niet alleen werden de motoren gespaard daar ze niet zo lang hoefden te klimmen en oververhitting werd tegen gegaan en de brandstof besparing was enorm. De gewichtsbesparing betekende ook dat er meer of zwaardere bommen konden worden meegenomen. Er dreigde even muiterij, want de bemanningen vreesden op de lage hoogtes te worden neergehaald. Maar de verliezen vielen mee en liepen zelfs snel terug. Ook het aantal bommenwerpers dat de vlucht moest onderbreken door oververhitte motoren liep drastisch terug. Japan werd een inferno toen stad na stad door brandbommen werd bestookt. Op 1 augustus 1945 werd bijvoorbeeld Toyama bestookt door 173 B-29 bommenwerpers en werd 99.5% van de stad verwoest.

Toyama wordt verwoest op 1 augustus 1945

Toch was het bombarderen bij nacht niet altijd een garantie dat er minder verliezen aan B-29 bommenwerpers zou zijn. In de nacht van 23 mei 1945 bereikten 520 van de 562 B-92’s het doel (Tokyo) die een totaal aan 3646 ton bommen wierpen. 17 Superfortresses gingen verloren. Op 5 juni werd een aanval op Kobe bij daglicht uitgevoerd door 531 bommenwerpers waarvan 520 het doel bereikten (3077 ton aan bommen). 11 B-29 bommenwerpers gingen verloren.

Na de brandbommen en 'gewone' bommen kwamen als punt op de i,...
de twee atoombommen.

Op maandag 6 augustus 1945 steeg een B-29-45-MO, met het serienummer 44-86292 vanaf North Field, Tinian op en zette koers naar Japan. Colonel Paul W. Tibbets, Jr, commandant van de 509th Composite Group, zat in de linker stoel, met rechts van hem Captain Robert Lewis. Op het glimmende aluminium onder de cockpit stond geen half naakte dame geschilderd, zoals bij zoveel bommenwerpers in deze tijd, maar slechts een naam. Tibbets was zich bewust van de belangrijkheid waarmee deze missie belhelst was, en de wereldwijde belangstelling die het zou veroorzaken, daar kon geen blote dame in beeld komen. Dit was een serieuze zaak waar de bemanning ondergeschikt aan was. Dus alleen de naam van de moeder van Tibbets prijkte in zwarte letters op het toestel,… ’ Enola Gay’. Op de staart werd de letter 'R' aangebracht van 6th Bomb Group als misleiding.

De B-29-45-MO Enola Gay

De 509th Composite Group was sinds juni op Tinian en maakte enkel een paar ‘trainingsvluchten’ naar Truk en naar doelen in Japan die als ongevaarlijk bestempeld stonden. Andere Groepen begonnen zich af te vragen wat deze 509th precies in haar schild voerde. En deze dag, 6 augustus 1945, zou het antwoord komen, als een slag bij heldere hemel,… letterlijk en figuurlijk. Aan boord was de eerste atoombom die gebruikt ging worden als oorlogswapen. Om 08.15:17 uur, Japanse tijd, in de morgen was Enola Gay boven haar doelwit, Hiroshima. Vanaf 10.000 meter werd de uranium bom van twintig kiloton, genaamd ‘Little Boy’, los gelaten. Twee minuten later, op een hoogte van 650 meter hoogte, flitste een oogverblindend helder licht boven Hiroshima en de daarop volgende drukgolf verwoeste in een straal van 6km nagenoeg de gehele stad waarbij zo’n 78.000 mensen omkwamen en een ongeveer zelfde aantal gewonden. In de maanden en jaren daarna stierven door straling nog een enorm aantal. Eind 1945 stond de teller op 140.000 aan doden in Hiroshima. Uiteindelijk wees onderzoek uit dat meer dan 237.000 mensen het slachtoffer werden van aanval op Hiroshima.

B-29-35-MO, 44-27297 Bockscar
(Bockscar had geen noseart tijdens de missie en droeg in plaatst van de 'pijl'
(zie b-29 op achtergrond) de letter 'N' als misleiding van 444th Bomb Group)

Op 9 augustus liet de B-29-35-MO, 44-27297 Bockscar, gevlogen door Major Charles W. Sweeney, haar plutonium atoombom, Fat Man, vallen op Nagasaki. Kokura was het eigenlijke doel voor Bockscar, maar toen deze op het rendez-vous punt aankwam, samen met de B-29 The Great Artiste , bleek het derde toestel, het fotovliegtuig niet aanwezig, veertig minuten verstreken vanwege vruchteloos wachten. Sweeny overlegde met Capt Frederick C. Bock, (de eigenlijke piloot van Bockscar, maar nu piloot van het tweede toestel, The Great Artiste ) en men besloot naar Kokura te gaan. Hier bleek het doel door een wolkendek niet zichtbaar. Na drie ‘passes’ over de stad zonder deze te zien, werd besloten het alternatieve doel te nemen, Nagasaki. Om 10.58 uur, Japanse tijd, werd de bom gedropt vanaf 8800 meter. Een minuut later explodeerde deze. In Nagasaki kwamen direct 40.000 mensen om het leven waarbij nog eens een totaal aan 70.000 stralingslachtoffers om kwamen. Twee, relatief lichte, atoombommen maakten in twee klappen 350.000 slachtoffers,…

Links de uranium explosie boven Hiroshima, en de plutonium bom over Nagasaki

Voor het testen en droppen van atoombommen werden speciale B-29’s aangepast, welke bekend stonden onder de naam Silverplate. Van dit type B-29 werden er 65 geproduceerd, waarvan 29 tijdens de Tweede Wereldoorlog hun weg vonden naar de 509th Composite Group die de atoombommen op Japan zou droppen. Na de oorlog werden een extra 24 Silverplate B-29’s toegevoegd aan de 509th Bomb (ex-Composite) Group. Toen deze Group overging op de B-50 werden 27 Silverplate B-29’s overgedaan aan 97th Bomb Wing (binnen een jaar werden deze toestellen omgebouwd tot TB-29 trainers). Er zijn twee Silverplates bewaard gebleven, de Enola Gay en de Bockscar.

We kunnen simpel stellen dat de B-29 Superfortress, brenger van dood en verderf tevens de boodschapper was van de vrede. Op 15 augustus 1945 capituleerde Japan welke werd ondertekend op 2 september. De Tweede Wereldoorlog was ten einde, de Koude oorlog kon beginnen,… gekoppeld aan de angst voor de atoombom bleef en blijft de vrees voor een atoomoorlog de wereldbevolking in haar greep houden.

Hoe het verder ging met de Super Bomber
KLIK HIERONDER

GA TERUG