OPERATION 'CHASTISE'
The Dambusters

Möhne Dam, 2009

In 1899 werd besloten om een ambitieus project op te starten dat moest zorgen voor voldoende water in de droge periode om aan de vraag te voldoen voor de groeiende industrie in het Duitse Ruhrgebied. Rivieren afdammen en stuwmeren aanleggen leek de beste optie. Zo begon in 1905 de aanleg van de grootste dam in Sauerland, de bouw van de Möhne Dam. Op 12 juli 1913 werd de Möhne Dam in gebruik genomen. Vijf andere dammen kwamen later in gebruik.

Barnes Wallis had enkele ‘ideetjes’

Toen de oorlog uitbrak, vroeg de bekende Britse ingenieur, Barnes Wallis, zich af hoe de Duitse industrie het beste aangepakt kon worden. Hij kwam tot de conclusie dat de waterhuishouding verstoort diende te worden door de stuwdammen te vernietigen. Wallis was ten tijde vliegtuigontwerper bij Vickers en had faam genaamd als de ontwerper van het luchtschip R100. De geodetische spantbouw voor dat luchtschip werd ook toegepast in de Wellesley bommenwerper en voor de tweemotorige bommenwerper, de Vickers Wellington.

Een Vickers Wellington (X3763) van 425 Squadron

Ver voor de oorlog had het Air Ministry de dammen ook al als een belangrijk doelwit aangewezen. Maar een ‘normaal’ bombardement op de stuwdammen zou weinig effect hebben, vanwege de enorme zware bouw van de dammen. Ook het raak gooien van bommen op een doel als een dam vergt precisie, en richtapparatuur aan het begin van de oorlog was nog niet betrouwbaar te noemen. Een bom gooien in een straal van 45 meter was uniek te noemen. Het gebruik van torpedo’s leek ook geen optie, omdat de dammen beschermd zouden worden door torpedonetten. Wallis bedacht een bom van 4536kg, met een lengte van 5,8m en een doorsnede van 1.2m. Deze moest vanaf 12,190m hoogte worden afgeworpen, waarna de bom diep de aarde binnendrong en daar ontplofte. De trillingen van deze ‘earthquake bomb’ (aardbevingbom) moesten dan het doel vernietigen. Probleem was dat er nog geen geschikte bommenwerper bestond die zo’n zware bom kon dragen. Dus ontwierp Wallis de Vickers Victory, een zesmotorige bommenwerper die 20 ton aan bommen kon vervoeren.

Later in de oorlog werd de Tallboy ‘earthquake bomb’ met succes ingezet
(ondanks dat het eerst als ridicuul werd afgedaan)

Wallis stelde zijn ideeën op schrift (‘A Note on A Method of Attacking the Axis Powers’) en bood deze aan bij de RAF Air Staff. Deze verwierpen al zijn ideeën als ridicuul. Een zesmotorige bommenwerper, de RAF had nog niet eens de beschikking over viermotorige bommenwerpers (al was de Short Stirling net in productie genomen). Verder geloofden de militaire strategen niet dat een ingenieur kritiek durfden te uiten op hoe de RAF haar bommen ‘bezorgde’ (één zware bom in plaats van een ‘stick’ aan kleinere bommen). Het was een grote tegenvaller voor Wallis.
(In 1944 werd de ‘earthquake bomb’ alsnog geproduceerd als de Tallboy. Er kwam zelfs een overtreffende trap, de 10 ton zware Grand Slam)
Wallis liet zich niet kennen en zette zich weer achter zijn bureau om te onderzoeken hoe hij stuwdammen kon laten breken. Het eerste wat Wallis wilde onderzoeken, was hoe zwaar de lading moest zijn om een stuwdam te laten breken. In oktober, 1940 werd de Road Research Laboratory (RRL) benaderd door Wallis, omdat deze ervaring hadden in het gebruik van explosieven tegen schaalmodellen. Een team onder leiding van Dr A.R. Collins begon met testen op een 1/50 schaal van de Möhne Dam op het terrein van de Building Research Station (BRS), bij Watford. Op een afstand van 30 tot 90 centimeter van de dam werden kleine explosies veroorzaakt, de dam scheurde, maar bleef verder intact. Meer testen werden gedaan door RRL Harmondsworth, bij Heathrow. Er werd berekend dat er 6,800 kg aan springstof nodig zou zijn als de bom zou ontploffen 30 meter vanaf de dam. Deze zou dan wel schade veroorzaken, maar de dam zou waarschijnlijk niet bezwijken. Een niet meer gebruikte dam in Wales, de Nant-y-Gro dam (55 meter lang) bij Rhayader diende vervolgens als schaalmodel, gebouwd door RRL eind 1941. Een explosief tegen deze dam deed hem bezwijken begin 1942. Op 24 juli 1942 werd de echte Nant-y-Gro dam opgeblazen met een anti-duikbootmijn, van slechts 125 kilo. Collins rapporteerde in augustus 1942 aan Wallis dat voor de Möhne Dam 3400kg springstof nodig zou zijn, op een diepte van 9 meter,… tegen de dam aan. Nu moest alleen die bom nog tegen de dam worden geplaatst.

De Nant-y-Gro Dam in Rhayader in Wales met succes opgeblazen

Wallis had een kronkel voor aparte technische oplossingen die niet direct voor de hand lagen. Het was ook geen wonder dat juist Wallis met een kinderlijke oplossing kwam om de bom naar een dam te krijgen. Het kinderlijke was gebaseerd op het ‘keilen’ van platte kiezels over vlak water. Hij herinnerde zich dat admiraal Lord Nelson zijn kanonskogels eens over het water had laten ketsen om vijandelijke schepen ter hoogte van de waterlijn te raken. Volgens Wallis lag de oplossing in het ketsen van bommen over water, en over de torpedonetten, die dan tegen de damwand tot stilstand kwamen en vervolgens ontploften. De eerste testen deed hij in zijn achtertuin met knikkers van zijn dochter die hij met een katapult over een bak met schoot, deze ketste dan uit de bak op een tafel. De kinderen van Wallis markeerden vervolgens de plaats waar de knikker het tafelblad raakte. Het echte testen begon op 9 juni 1942 in een speciaal gebouwde watertank in Teddington. Op 22 september werden de testen beëindigd nadat honderden ballen is alle soorten en maten afgeschoten waren.

'Highball' en 'Upkeep'

Met een Vickers Wellington begon het daadwerkelijke testen van de ‘stuiterbommen’. Na verschillende pogingen wist men op een gegeven moment een afstand te bereiken (van het punt van lanceren tot de ‘impact’) van 1066 meter waarin dan vijf ‘stuiters’ zaten. De eerste ‘stuiter’ kwam tot 9 meter weer omhoog, halverwege de vlieghoogte van de Wellington (60 ft., 18m.), de laatste ‘stuiter’ was nog maar 1.2 meter. Om de juiste ‘stuiter’ te creëren moest de bom 500 toeren per minuut achterwaarts draaien voor deze werd gelanceerd.

Een 'Upkeep' en hoe deze gelanceerd diende te worden
(toestel vliegt naar rechts, achterwaartse draairichting)

Na deze geslaagde testen moest Wallis dit idee verkopen. Daar had hij zeer veel geduld en overredingskracht voor nodig, niemand zag iets in zijn plannen. Air Chief Marshal Harris zag niets in de plannen en noemde ze in een brief aan de Chief of Air Staff,… ‘het meest waanzinnige idee voor een wapen dat ooit voor ogen was gehouden,…’. Om een lang verhaal kort te houden, de ‘dammen-bom’ leek niet levensvatbaar. Een kleine versie van het principe ‘stuiterbom’ kon Wallis wel verkopen, aan de Britse Marine. In januari, 1943 gaf Wallis, aan de hand van een film waarop een Wellington bommenwerper een bom liet stuiteren bij Chesil Beach, een uitleg wat voor wapen hij had bedacht. De stuiterbom, de Highball was uitermate geschikt om slagschepen aan te vallen. Wallis legde uit dat de bom achterwaarts draaiende het vliegtuig verliet, klapte het vervolgens tegen het doel, dan zorgde de rotatie dat de bom tegen het doel bleef ‘rollen’ terwijl hij tot een bepaalde diepte zonk, waarop het onder de waterlijn ontplofte. Niet alleen ideaal om slagschepen, als de Tirpitz, maar ook om bijvoorbeeld stuwdammen mee te bestoken. Alleen zou dat een zwaardere bom moeten zijn, een zogenaamde Upkeep. Maar de marine was niet geïnteresseerd in de Upkeep, maar de kleinere versie leek hun wel wat en er werden enige tijd later met spoed 250 Highballs besteld. Tevens kreeg Wallis toestemming van zijn grootste onverbiddelijke tegenstander, Air Marshal John Linnell, hoofd Research en ontwikkeling van het ministerie van Vliegtuigproduktie, om twee bommenwerpers te gebruiken voor verder testen. Maar slagschepen tot zinken brengen was niet het doel van Wallis.

Een Mosquito 'lanceert' tijdens een test een 'Highball'
(Deze werden nooit ingezet omdat men vreesde dat de vijand deze zou namaken)

Wallis besloot contact te leggen met Lord Cherwell om via hem tot Winston Churchill door te dringen. Hij schatte zijn kansen weinig in, vanwege een eerdere ervaring waarbij Lord Cherwell, toen nog Lindemann geheten, zich zeer laagdunkend had uitgelaten over het ‘dammen-idee’. Wallis stuurde een brief met een uitgebreid rapport voordat hij twee dagen later de film liet zien met de proefnemingen. Maar Cherwell interesseerde het totaal niet. Ook David Pye, directeur van Wetenschappelijk Research van het ministerie van Luchtvaart was een fanatiek tegenstander, onder het mom,…’dat er eerst moest worden onderzocht hoe het gedaan moest worden,..!’ (terwijl alle rapporten van het testen op zijn bureau lagen!). Toen Pye kort daarop vervangen werd leken de kansen te keren voor Wallis. Het testen mocht doorgaan. Maar Dr. Baker, directeur van het proefbassin in Teddington, vertelde Wallis dat hij moest stoppen met zijn idiote gedrag en dat hij iets nuttigs moest gaan doen voor de oorlog (tegen dé man die tot op dat moment de belangrijkste bommenwerper voor de RAF mede had helpen ontwikkelen, de Wellington!). Maar Wallis verzocht om nog eenmaal een test te mogen doen. Het werd een verbazingwekkende proef. Er werden 5 centimeter ronde ballen draaiende tegen een ‘dam’ aangeschoten in het bassin. Alles werd gefilmd en de Luchtmachtstaf was verbaast over de trefzekerheid. Ook een model van de Tirpitz werd met succes ‘beschoten’. Ook Sir Charles Portal en de eerste minister van Marine waren nu overtuigd van de werking. Alleen moest nu nog ‘Bomber’ Harris overtuigt worden. Vergezelt van testpiloot ‘Mutt’ Summers, van Vickers, werd op 22 februari 1943 in besloten kring de film vertoond aan Harris die toch wel onder de indruk was.

Air Chief Marshal Arthur 'Bomber' Harris

Wederom zou vervolgens alles weer stroef lopen omdat Sir Charles Graven Wallis nog langer Vickers en de regering lastig te vallen met ‘dat dammencomplex’ van hem. Graven schreeuwde tegen Wallis dat het vanaf direct ten strengste verboden was om nog langer te werken aan dat belachelijke springende bommen project!! Wallis was ontgoocheld en bood ter plekke zijn ontslag aan. Hij had zich compleet voor Vickers en het land in oorlog ingezet, maar als ‘hun’ vonden dat dat niet zo was, dan was het klaar. Terwijl Wallis het kantoor van Graven verliet sloeg die op zijn bureau en schreeuwde dat het ‘muiterij’ was. Wallis bracht professor Merton en Sidney Barrat, van de natuurkundige commissie, op de hoogte van zijn ontslag, die dit onthutst aanhoorden. Dit bleek de ommekeer in het hele verhaal. Kort daarop vroeg Winston Churchill, die in nauw contact stond met de commissie, alle gegevens aangaande Operation ‘Upkeep’ op. Binnen enkele uren kreeg opeens de aanval op de Rhur-dammen de hoogste prioriteit. De go-ahead werd gekregen op 26 februari 1943 in het kantoor van de tegenstander luchtmaarschalk Linnell. Kort daarop werd Linnell van zijn taken ontheven.

Voor het vervolg, over Guy Gibson en het 617 Squadron
klik hieronder